ECLI:NL:RBLIM:2022:4684
Rechtbank Limburg
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging intrekking omgevingsvergunning beperkte milieutoets wegens onbevoegdheid
Eiseres ontving een omgevingsvergunning beperkte milieutoets (Obm) voor het houden van vleesvarkens. Verweerder trok deze vergunning in op grond van vermeende niet-naleving van het Besluit emissiearme huisvesting en het Activiteitenbesluit milieubeheer.
Tijdens de procedure stelde de rechtbank vast dat ten tijde van het primaire en bestreden besluit geen dieren in de stal waren gehuisvest, waardoor er geen overtreding was van de genoemde wettelijke bepalingen. Hierdoor was verweerder niet bevoegd de Obm in te trekken op grond van artikel 5.19, eerste lid, onder d, van de Wabo.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het bestreden besluit en herroept het primaire besluit. Tevens werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van het griffierecht en proceskosten aan eiseres.
De uitspraak benadrukt het belang van bevoegdheid bij bestuursrechtelijke handhavingsbesluiten en bevestigt dat het houden van een leegstaande stal geen overtreding vormt die intrekking van een vergunning rechtvaardigt.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd en het primaire besluit herroepen wegens onbevoegdheid tot intrekking van de vergunning.