Op 6 maart 2021 werd in een container op een vrachtschip ongeveer 450 kilogram cocaïne via Nederlandse territoriale wateren ingevoerd. De verdachte, die bekend heeft zijn betrokkenheid, speelde een onmisbare rol als medepleger in dit georganiseerde drugstransport.
De rechtbank baseerde het bewezenverklaren op het proces-verbaal, NFI-rapporten en de bekentenis van de verdachte, evenals versleutelde SKY ECC-berichten die zijn rol bevestigen. De verdediging voerde geen bewijsverweer en erkende de feiten.
De rechtbank oordeelde dat de verdachte niet de initiator was maar wel een cruciale schakel, en dat de ernst van het feit, de omvang van de drugs en het georganiseerde karakter een forse onvoorwaardelijke gevangenisstraf rechtvaardigen. Gezien de omstandigheden en het strafblad legde de rechtbank een gevangenisstraf van 54 maanden op, met aftrek van voorarrest.