ECLI:NL:RBLIM:2022:589
Rechtbank Limburg
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging revisievergunning wegens onvoldoende motivering beperkingen opslag afvalstoffen
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen een door het college van gedeputeerde staten van Limburg verleende revisievergunning voor uitbreiding van een afvalverwerkingsinrichting. De vergunning bevatte beperkingen op opslaghoeveelheden en stelde voorwaarden aan incidentele opslag, waaronder voorafgaande toestemming en financiële zekerheid. De rechtbank oordeelt dat het bevoegd gezag bevoegd is om opslaghoeveelheden onder voorwaarden te beperken op grond van doelmatigheid van afvalverwerking, ook als bestaande rechten worden aangetast, maar dat een verzwaarde motiveringsplicht geldt.
De rechtbank constateert dat verweerder onvoldoende per afvalstof heeft gemotiveerd waarom beperkingen en voorwaarden noodzakelijk zijn, en dat geen onderscheid is gemaakt tussen bestaande rechten en nieuwe aanvragen. Ook ontbreekt een wettelijke grondslag voor de vereiste financiële zekerheid. Hierdoor voldoet het besluit niet aan de vereisten van zorgvuldigheid en motivering volgens de Algemene wet bestuursrecht.
Het beroep wordt gegrond verklaard en de voorschriften 2.7, 2.8, 2.10 (gedeeltelijk) en 8.5 worden vernietigd. Verweerder wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze uitspraak. Tot die tijd blijft de vergunning van kracht met de aangevraagde opslaghoeveelheden. Verweerder moet het betaalde griffierecht en proceskosten vergoeden.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit wordt deels vernietigd met opdracht tot hernieuwde besluitvorming.