Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
1.Onderzoek van de zaak
.Het onderzoek ter terechtzitting is gesloten op 13 januari 2022, waarna op 27 januari 2022 uitspraak is gedaan.
Rechtbank Limburg
Op 20 november 2018 vond een doorzoeking plaats in de woning van de verdachte en haar partner te Schinveld, waarbij harddrugs zoals GHB, amfetamine en MDMA werden aangetroffen.
De officier van justitie stelde dat de verdachte medepleger was en opzet had op het aanwezig hebben van deze middelen, mede vanwege verklaringen van de partner en de zichtbaarheid van de middelen. De verdediging voerde aan dat de verdachte niet wist dat de middelen aanwezig waren en niet wist dat de pillen en vloeistoffen drugs bevatten.
De rechtbank oordeelde dat hoewel de middelen zich in de machtssfeer van de verdachte bevonden, niet kon worden vastgesteld dat zij wetenschap had van de aanwezigheid of de aard van de middelen. De pillen lagen niet direct in het zicht en waren niet herkenbaar als drugs. De flessen waren wel zichtbaar, maar er was geen bewijs dat de verdachte wist dat deze GHB, amfetamine en MDMA bevatten.
De verklaring van de partner dat de relatie werd beëindigd vanwege de drugs werd niet als doorslaggevend gezien. De rechtbank sprak de verdachte vrij omdat niet kon worden bewezen dat zij opzet had op het aanwezig hebben van de drugs in haar woning.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens ontbreken van wetenschap en opzet op aanwezigheid harddrugs in haar woning.