Verzoekers, mede-eigenaars van een perceel in de gemeente Roerdalen, hebben een voorlopige voorziening gevraagd tegen lasten onder dwangsom die het college van burgemeester en wethouders heeft opgelegd wegens het bouwen van zeven schuilgelegenheden en het buiten opslaan van hooi zonder omgevingsvergunning.
De voorzieningenrechter stelt vast dat beide gedragingen in strijd zijn met het bestemmingsplan en de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo). De verzoekers betwisten alleen de kwalificatie van de hooiopslag als buitenopslag, maar de rechter acht dit gelet op de omvang en verpakking als opslag.
Verzoekers voerden aan dat het onredelijk is de last ook aan een van hen op te leggen en dat er concreet zicht is op legalisatie, maar de voorzieningenrechter oordeelt dat het college bevoegd is tot handhaving en dat er geen concreet zicht op legalisatie is, mede omdat de vergunningaanvraag buiten behandeling is gesteld en de bestemmingsplanwijziging onzeker is.
De begunstigingstermijnen van één maand voor hooiopslag en drie maanden voor de schuilgelegenheden zijn niet te kort en de dwangsommen zijn proportioneel. De voorzieningenrechter wijst het verzoek af en schorst alleen de begunstigingstermijn voor de hooiopslag tot een week na verzending van de uitspraak.