Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
1.Het verdere verloop van de procedure
- het tussenvonnis van 2 december 2020;
- het rapport van de deskundige Frissen van 13 oktober 2021;
- de conclusie na deskundigenbericht tevens houdende vermeerdering van eis van [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] met de producties 34 tot en met 42;
2.De verdere beoordeling
in conventie en in reconventie
Op basis van de ter beschikking gestelde jaarrekeningen constateren wij vanaf 1 januari 2009 rekening-courantverhoudingen tussen:
uit de bovenstaande twee verloopoverzichten (…) blijkt niet dat de aflossing ad € 37.500,- via [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] of via [naam bv 1] met [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] verrekend is.”.
Uit bovenstaand verloopoverzicht (…) blijkt niet dat het door [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] te betalen deel van de aflossing ad € 37.500,- verrekend is met de managementfee.”.
Uit bovenstaand verloopoverzicht (tabel 7) blijkt dat in de administratie van [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] in de periode 2009 tot en met 2013 via rekening-courant € 40.134 inzake rente en aflossing is verrekend met [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie]
Zoals uit bovenstaand verloopoverzicht (tabel 7) blijkt, heeft tot en met 2016 via [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] geen verrekening plaatsgevonden:
- wegens aflossing en rente met betrekking tot de hypotheek € 19.627,23
- wegens onderhouds- en verbouwingskosten € 3.886,91;
- wegens gemeentelijke belastingen € 8.815,95; noch
- wegens verzekeringspenningen € 5.576,00.
Opmerking 1
):