Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
3.SkyECC-verweren
Argusgestart, gericht op de onbekende gebruikers van de diensten van SkyECC. Dit onderzoek was een voortzetting van eerder onderzoek onder de naam
Yucca, aangevuld met informatie uit onderzoek
Werl.
Argusop grond van artikel 126dd Sv toestemming gegeven om de SkyECC-gegevens te verstrekken aan onderhavig onderzoek Tol91.
nietdeelt), doet dat niets af aan bovenstaand oordeel. In de onderhavige zaak zijn de SkyECC-data verkregen in het kader van opsporing in JIT-verband, welk verband is gebaseerd op in EU-verband overeengekomen regels. Het vertrouwen in het Franse rechtsstelsel in het geheel is in dat kader het vertrekpunt, welk vertrouwen niet wordt doorbroken of gerelativeerd door enige vorm van vergaande betrokkenheid van de Nederlandse met opsporing belaste autoriteiten. Die betrokkenheid is immers voorondersteld. Ook om deze reden kan de rechtbank van de rechtmatigheid van de beslissingen van de Franse rechters en de daarin toegestane toepassing van opsporingsbevoegdheden uitgaan.
fishing expedition’. Er is immers slechts gezocht met behulp van zoeksleutels die sterke aanwijzingen leveren voor ernstig georganiseerde criminaliteit, terwijl is vastgesteld dat de SkyECC-dienst met name werd gebruikt voor het voorbereiden en plegen van ernstige criminaliteit. De rechter-commissaris heeft bovendien aanzienlijke voorwaarden gesteld aan de wijze waarop de data moesten worden doorzocht. Dat de door de rechter-commissaris gestelde voorwaarden niet zijn nagekomen dan wel dat niet is voldaan aan de voorwaarden zoals genoemd in het Besluit onderzoek in een geautomatiseerd werk, is eveneens niet gebleken. De rechtbank neemt daarbij in aanmerking dat het dossier stukken bevat waarin is uiteengezet welke zoeksleutels onder meer zijn gebruikt en tot welke resultaten deze hebben geleid. De rechtbank neemt eveneens in aanmerking dat de toegepaste methode onder Frans staatsgeheim valt, zodat over de methode maar beperkt duidelijkheid kon worden gegeven.
equality of armsoverweegt de rechtbank als volgt: het gaat er bij dit beginsel om of het gebruik van die gegevens in de onderhavige strafzaak door de verdediging toetsbaar is. De rechtbank is van oordeel dat het onderzoeksdossier Tol91 daartoe alle noodzakelijke stukken bevat.
4.De beoordeling van het bewijs
Om 16:20 uur komt hij aan op het adres Rembrandtstraat in Brunssum en heeft [medeverdachte 1] daar contact met een vrouw. Daarna rijdt de Mercedes weer weg naar Schinveld met [medeverdachte 1] als bestuurder in de auto. Op het adres [adres 4] in Brunssum woont [naam 7] , die samen met verdachte een kind heeft.
Om 16:31 uur staan de Mercedes en een bestelbus Opel Vivaro naast elkaar voor de toegangspoort aan de [adres 1] in Schinveld.
Om 16:36 uur rijdt de Opel Vivaro weg vanaf de Grachtstraat, met als bestuurder een blanke man met een bril en een petje.
Om 16:53 uur stopt de bus bij het adres [adres 5] in Hoensbroek en rijdt achteruit de oprit op. De blanke man met de bril en het petje opent het achterportier van de bus en sluit die even later weer. Hij stapt weer in op de bestuurdersplaats waarna hij wordt aangehouden. [7] Deze bestuurder legitimeerde zich met zijn rijbewijs en bleek te zijn: de [medeverdachte 2] . Daarop werd hij aangehouden. [8]
ongeveer verdien na aftrek kosten +/- 1000’ en de notities: ‘
ROOD OIRS-BREDA-SCHINVELD”, “
ROOD” en "
[adres 6]”. [12]
In de berichten van 6 maart 2021 tussen [naam 2] en [naam 1] wordt door [naam 2] bericht dat hij naar de ‘tandenman’ moet en hij stuurt daarbij een foto van een persoon met open mond, zonder tanden. De politie heeft deze foto vergeleken met een politiefoto van verdachte uit 2014. Gelet op deze foto’s concludeert de politie dat de persoon op de foto die de gebruiker van het account [naam 2] stuurt dezelfde persoon is als verdachte, die verblijft aan het adres [adres 3] te Hillensberg. [17] De rechtbank heeft geen reden om aan deze conclusie te twijfelen.
200 jij, 200 ik en 200 voor de werker). Dat verdachte de MAPA mogelijk feitelijk niet in zijn bezit heeft gehad, doet, gezien bovenstaande, niet af aan zijn beschikkingsmacht. Hiermee staat naar het oordeel van de rechtbank dan ook vast dat verdachte, in nauwe en bewuste samenwerking met [medeverdachte 1] , deze grondstof voorhanden heeft gehad met het doel om een feit als bedoeld in artikel 10, vierde lid van de Opiumwet voor te bereiden. Dat MAPA een
preprecursor betreft en daarom, zoals de raadsman betoogd heeft, het voorhanden hebben hiervan niet gezien kan worden als een voorbereidingshandeling, acht de rechtbank - gezien het vorenstaande - onjuist.
'colo'binnen de drugswereld betrekking heeft op cocaïne, afkomstig uit Colombia. Tot slot merkt hij op dat de cocaïneblokken worden voorzien van een stempel als een soort herkenningskenmerk.
Goedemorgen.
Je kunt ze hebben voor 29500.
colo’. Verbalisanten merken op dat algemeen bekend is dat het woord ‘
colo’in de drugswereld slaat op cocaïne, afkomstig uit Colombia. Ook is algemeen bekend dat de prijs van een blok cocaïne varieert van € 26.000,- tot € 32.000,-. [medeverdachte 1] bericht op enig moment:
“je kunt ze hebben voor 29500”. Dit past volledig in de context van de overige aan hem verzonden berichten en bij de gangbare prijs waarvoor een blok cocaïne doorgaans wordt verkocht. Bovendien kan men, de berichten lezend, het hele proces van de handel in de cocaïne volgen, van de aankoop, de levering, de wijze van verpakking en bestempeling tot en met de prijsbepaling en het kennelijk teleurstellende verloop van de doorverkoop.
- een grote hoeveelheid grondstoffen MAPA (methyl-alfa-fenylacetoacetaat) (in totaal ongeveer 600 kilogram) vervoerd in een voertuig (bedrijfsauto met kenteken [nummer 4] );
5.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
6.De strafbaarheid van de verdachte
7.De straf
8.De wettelijke voorschriften
9.De beslissing
- verklaart het tenlastegelegde bewezen zoals hierboven onder 3.4 is omschreven;
- spreekt de verdachte vrij van wat meer of anders is ten laste gelegd;
- verklaart dat het bewezenverklaarde de strafbare feiten oplevert zoals hierboven onder 4 is omschreven;
- verklaart de verdachte strafbaar;
- veroordeelt de verdachte voor de feiten 1, 2 en 3 tot een
- beveelt dat de tijd die door de veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in voorarrest is doorgebracht, bij de uitvoering van deze gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht.