Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
[eiser sub 2],
[eiser sub 3],
[eiser sub 4],
[gedaagde sub 2],
[gedaagde sub 3],
[gedaagde sub 4],
[gedaagde sub 5],
Rechtbank Limburg
De Stichting Bospop organiseerde sinds 1980 het Bospop festival, dat in 1986 werd ondergebracht in een stichting met een bestuur van zeven leden. Door groei en professionalisering ontstond behoefte aan een nieuwe bestuursstructuur, waarbij een one-tier of two-tier model werd overwogen. Op 13 maart 2021 werd een bestuursvergadering gehouden waarin drie bestuurders werden ontslagen, maar deze vergadering werd voortgezet zonder aanwezigheid van de ontslagen bestuurders en hun adviseurs.
Eisers stelden dat het ontslagbesluit nietig of vernietigbaar was, omdat het besluit niet volgens de statuten was genomen en de procedure niet correct was gevolgd. De rechtbank oordeelde dat het besluit niet nietig was, maar wel vernietigbaar omdat het ontslagbesluit werd genomen om de visie van drie bestuursleden te onderdrukken en de weg vrij te maken voor een statutenwijziging zonder hun instemming.
Daarnaast werd geoordeeld dat het ontslag van de voorzitter niet gerechtvaardigd was, omdat geen sprake was van financieel wanbeheer of handelen in strijd met de statuten door hem. De rechtbank veroordeelde de stichting tot betaling van proceskosten aan de ontslagen bestuurders en verklaarde de stichting als eisende partij niet-ontvankelijk in haar vorderingen tegen enkele bestuurders.
Uitkomst: Het bestuursbesluit van 13 maart 2021 tot ontslag van drie bestuurders wordt vernietigd en de stichting wordt veroordeeld tot betaling van proceskosten.