Op 14 februari 2019 werd in een loods te Nuth een hennepkwekerij aangetroffen. De verdachte huurde deze loods en stelde een deel daarvan ter beschikking aan derden. De officier van justitie vorderde bewezenverklaring van medeplegen hennepteelt, diefstal van gas, aanwezig hebben hennep en vernieling. De verdediging stelde dat verdachte slechts medeplichtig was door verhuur en geen wetenschap had van de kwekerij.
De rechtbank sprak verdachte vrij van medeplegen hennepteelt, diefstal, aanwezig hebben hennep en vernieling, omdat onvoldoende bewijs bestond voor medeplegen of wetenschap van deze feiten. Wel werd bewezen verklaard dat verdachte medeplichtig was aan medeplegen hennepteelt door het ter beschikking stellen van de loods.
De rechtbank legde een taakstraf van 120 uren op, rekening houdend met de beperkte rol van verdachte, het lage recidiverisico en de overschrijding van de redelijke termijn met ruim 1,5 jaar. Benadeelde partijen werden niet-ontvankelijk verklaard in hun schadevorderingen omdat de feiten waarop deze waren gebaseerd niet bewezen waren.
Tot slot werd 1256 gram hennep onttrokken aan het verkeer en overige inbeslaggenomen goederen aan verdachte teruggegeven. De rechtbank motiveerde haar oordeel uitvoerig met verwijzing naar bewijsstukken en jurisprudentie omtrent medeplegen en medeplichtigheid.