Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
subsidiairsamen met een ander [slachtoffer] heeft mishandeld.
3.De beoordeling van het bewijs
versheidervan als meest betrouwbaar zou kunnen worden aangemerkt, blijkt niet de link naar de verdachte en medeverdachten. De aangever verklaarde immers dat hij de daders niet kende, waarbij de door hem gegeven signalementen te weinig onderscheidend zijn -en dus te algemeen van aard zijn- om daaruit de gerechtvaardigde conclusie te kunnen trekken dat het om de verdachte en medeverdachte [naam medeverdachte 1] gaat. Deze verklaring biedt dus geen steun aan de belastende verklaringen van de aangever.
kan zijnvan het celmateriaal in de bemonstering. Bij deze uitslagen ontbreekt de statistische onderbouwing en zonder die onderbouwing kan geen bewijswaarde worden verbonden aan het mogelijke donorschap. Tevens werd op sommige plekken, zoals op de handgreep van de schroevendraaier, geen DNA-profiel van de verdachte aangetroffen. De conclusie -die door de officier van justitie ter terechtzitting werd getrokken- dat het DNA van de verdachte op die werktuigen is aangetroffen is gelet op het voorgaande geenszins gerechtvaardigd.
4.De beslissing
hij in of omstreeks de periode van 6 januari 2021 tot en met 7 januari 2021 in de gemeente Kerkrade tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, opzettelijk [slachtoffer] wederrechtelijk van de vrijheid heeft/hebben beroofd en/of beroofd gehouden, door deze [slachtoffer] in diens woning
- met een touw en/of een (honden)riem op een stoel vast te binden en/of
- (met een hamer) te slaan en/of
- (met een schroevendraaier) te steken en/of
- met een verhitte lepel brandwonden over/op diens lichaam te veroorzaken en/of
- met een (knip)tang in diens hand/vinger te knippen;
( art 282 lid 1 Wetboek Pro van Strafrecht, art 47 lid 1 ahf Pro/sub 1 Wetboek van Strafrecht )
hij in of omstreeks de periode van 6 januari 2021 tot en met 7 januari 2021 in de gemeente Kerkrade tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om aan [slachtoffer] opzettelijk zwaar lichamelijk letsel toe te brengen, deze [slachtoffer]
- (met een hamer) heeft/hebben geslagen en/of
- met een verhitte lepel brandwonden over diens lichaam heeft/hebben toegebracht en/of
- met een (knip)tang in een hand/vinger heeft/hebben geknipt,
terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
( art 302 lid 1 Wetboek Pro van Strafrecht, art 45 lid 1 Wetboek Pro van Strafrecht, art 47 lid 1 ahf Pro/sub 1 Wetboek van Strafrecht )
- (met een hamer) te slaan en/of
- (met een schroevendraaier) te steken en/of
- met een verhitte lepel brandwonden over/op diens lichaam te veroorzaken en/of
- met een (knip)tang in diens hand/vinger te knippen;
( art 300 lid 1 Wetboek Pro van Strafrecht, art 47 lid 1 ahf Pro/sub 1 Wetboek van Strafrecht )