Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBLIM:2023:146

Rechtbank Limburg

Datum uitspraak
9 januari 2023
Publicatiedatum
9 januari 2023
Zaaknummer
C/03/312700 HA RK 22-231
Instantie
Rechtbank Limburg
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Wraking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 36 RvArt. 4 lid 2 wrakingsprotocol rechtbank Limburg
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verzoek tot wraking gehele rechtbank Limburg niet ontvankelijk verklaard

Op 21 december 2022 ontving de griffie een verzoek tot wraking van de gehele rechtbank Limburg ingediend door verzoeker. Dit verzoek werd beoordeeld door de wrakingskamer van de rechtbank Limburg.

Volgens artikel 36 van Pro het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering kan een wrakingsverzoek alleen worden gericht tegen individuele rechters die een zaak behandelen, op grond van feiten of omstandigheden die de onpartijdigheid van die rechter kunnen aantasten. Een wraking van het gehele rechtscollege is niet voorzien in de wet.

De wrakingskamer stelde vast dat verzoeker de gehele rechtbank wilde wraken, hetgeen niet mogelijk is. Daarom werd het verzoek zonder mondelinge behandeling wegens kennelijke niet ontvankelijkheid afgewezen. De beslissing werd op 9 januari 2023 in het openbaar uitgesproken door drie rechters van de wrakingskamer.

Uitkomst: Het verzoek tot wraking van de gehele rechtbank Limburg is niet ontvankelijk verklaard.

Uitspraak

beslissing

RECHTBANK LIMBURG

Zittingsplaats Maastricht
Wrakingskamer
Zaaknummer: C/03/312700 / HA RK 22-231
Beslissing van de meervoudige kamer belast met de behandeling van wrakingszaken
op het verzoek van:
[verzoeker]
wonend te [woonplaats] ,
verzoeker,
dat strekt tot wraking van de gehele rechtbank.

1.De procedure

Op 21 december 2022 is ter griffie het e-mailbericht ontvangen van verzoeker inhoudende een verzoek tot wraking van de gehele rechtbank Limburg.

2.De beoordeling

Ingevolge artikel 36 Wetboek Pro van Burgerlijke rechtsvordering (Rv) kan op verzoek van een partij elk van de rechters die een zaak behandelen worden gewraakt op grond van feiten of omstandigheden waardoor de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen lijden. Daarbij dienen feiten of omstandigheden te worden gesteld die de rechter betreffen tegen wie het wrakingsverzoek zich richt. Hieruit volgt dat een wrakingsverzoek slechts kan worden ingediend tegen individuele rechters die een zaak behandelen.
De wrakingskamer stelt vast dat verzoeker de gehele rechtbank heeft gewraakt. De wet biedt echter niet de mogelijkheid van wraking van een rechtscollege in zijn geheel, zoals verzoeker ook heeft gedaan. De wrakingskamer is daarom van oordeel dat het verzoek niet ontvankelijk is.
Ingevolge artikel 4, lid 2 aanhef en onder e van het wrakingsprotocol van de rechtbank Limburg kan een verzoek tot wraking zonder behandeling ter zitting wegens kennelijke niet ontvankelijkheid aanstonds niet ontvankelijk worden verklaard.
Een mondelinge behandeling kan achterwege blijven omdat die niets meer aan de beoordeling zou toevoegen.

3.De beslissing

De wrakingskamer:
- verklaart verzoeker niet ontvankelijk in zijn verzoek.
Deze beslissing is gegeven door mr. H.M.J. Quaedvlieg, mr. G.P.C. Dijkshoorn-Sleebe en mr. A.M. Schutte, bijgestaan door mr. M.J.W.D. Janssen, griffier en in het openbaar uitgesproken op 9 januari 2023.