ECLI:NL:RBLIM:2023:2494
Rechtbank Limburg
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling beroep tegen omgevingsvergunning voor bijbehorend bouwwerk bed and breakfast
De rechtbank Limburg behandelde het beroep van omwonenden tegen het besluit van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Beek om een omgevingsvergunning te verlenen voor het bouwen van een bijbehorend bouwwerk ten behoeve van een bed and breakfast op een perceel in Beek.
Eisers voerden aan dat de vergunning ten onrechte was verleend omdat er geen sprake zou zijn van een hoofdgebouw, de belangen van omwonenden onvoldoende waren meegewogen en het plan zou leiden tot aantasting van de woon- en leefomgeving. Ook stelden zij dat de vergunning niet uitvoerbaar zou zijn omdat het hoofdgebouw onbewoonbaar is.
De rechtbank oordeelde dat verweerder bevoegd was de vergunning te verlenen op grond van artikel 2.12 Wabo in samenhang met artikel 4 van Pro bijlage II Bor, aangezien er sprake is van een hoofdgebouw en een bijbehorend bouwwerk. De belangenafweging was zorgvuldig en de mogelijke overlast was niet zodanig dat de vergunning onredelijk was. De uitvoerbaarheid was aannemelijk omdat renovatie van het hoofdgebouw gaande is. Het beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de omgevingsvergunning voor het bijbehorend bouwwerk bed and breakfast wordt ongegrond verklaard.