ECLI:NL:RBLIM:2023:3104
Rechtbank Limburg
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Wraking rechter afgewezen wegens gebrek aan objectieve aanwijzingen van partijdigheid
Op 1 december 2022 diende verzoeker tijdens een mondelinge behandeling een wrakingsverzoek in tegen de rechter in een zaak over een klacht op grond van de Wet zorg en dwang. Dit eerste verzoek werd op 23 januari 2023 afgewezen. Verzoeker diende op 21 februari 2023 een tweede wrakingsverzoek in, waarop de rechter schriftelijk reageerde dat hij niet berustte in de wraking.
De wrakingskamer behandelde het tweede verzoek op 9 mei 2023, ondanks het ontbreken van een doktersverklaring van verzoeker die wegens ziekte niet aanwezig kon zijn. De kamer gaf verzoeker het voordeel van de twijfel over de tijdigheid van het verzoek, maar sloot argumenten die te laat waren ingebracht uit.
De wrakingskamer oordeelde dat de rechter geen vooringenomenheid had getoond en dat het recht op hoor en wederhoor niet was geschonden, aangezien verzoeker tijdens de zitting voldoende gelegenheid had gehad zijn standpunten toe te lichten. Het verzoek werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de rechter is ongegrond verklaard wegens ontbreken van objectieve aanwijzingen voor partijdigheid.