Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
3.De beoordeling van het bewijs
4.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
5.De strafbaarheid van de verdachte
6.De straf en/of de maatregel
.
7.De benadeelde partij en de schadevergoedingsmaatregel
- € 150,00 als stelpost voor zaakschade aan onder andere kleding, schoenen, bril, sieraden, horloge en dergelijke;
- € 125,40 aan reiskosten;
- € 2.829,00 als vergoeding voor het inschakelen voor huishoudelijke hulp;
- € 798,00 als vergoeding voor algemeen dagelijkse levensverrichtingen;
- € 225,00 als vergoeding voor verlies van zelfredzaamheid.
8.De wettelijke voorschriften
9.De beslissing
- verklaart het tenlastegelegde bewezen zoals hierboven onder 3.4 is omschreven;
- spreekt de verdachte vrij van wat meer of anders is ten laste gelegd;
- verklaart dat het bewezenverklaarde de strafbare feiten oplevert zoals hierboven onder 4 is omschreven;
- verklaart de verdachte strafbaar;
- veroordeelt de verdachte voor de feiten 1 primair en 2 tot een taakstraf, bestaande uit
- beveelt dat indien de veroordeelde de werkstraf niet naar behoren verricht, vervangende hechtenis zal worden toegepast van 80 dagen;
- bepaalt dat het voorwaardelijke gedeelte van de straf niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten, omdat de veroordeelde voor het einde van een proeftijd van 2 jaren zich aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt dan wel de hierna te noemen bijzondere voorwaarden niet heeft nageleefd;
- stelt de volgende
- geeft aan voornoemde jeugdreclasseringsinstelling de opdracht als bedoeld in artikel 14c, zesde lid, van het Wetboek van Strafrecht toezicht te houden op de naleving van de voorwaarden en de veroordeelde ten behoeve daarvan te begeleiden;
- voorwaarden daarbij zijn dat de veroordeelde gedurende de proeftijd:
dadelijk uitvoerbaarzijn;
6 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaren;
- verklaart de benadeelde partij [slachtoffer]
- veroordeelt de benadeelde partij [slachtoffer] in de kosten van de verdachte, ter verdediging tegen de vordering gemaakt, tot heden begroot op nihil.