Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
Gepla B.V., gevestigd te [vestigingsplaats] , verzoekster
Procesverloop
Overwegingen
€ 1.621,88).
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Limburg
Verzoekster, Gepla B.V., stelde beroep in tegen een besluit van het UWV waarin een bezwaar ongegrond werd verklaard omtrent een WIA-uitkering aan haar ex-werknemer. Na wijziging van het besluit door het UWV, waarbij alsnog een IVA-uitkering werd toegekend, trok verzoekster het beroep in en verzocht om vergoeding van de proceskosten.
De rechtbank heeft het UWV veroordeeld tot vergoeding van de door verzoekster gemaakte proceskosten, met uitzondering van de kosten voor de orthopedische expertise waarvoor geen urenspecificatie werd overlegd. De kosten voor de medische adviseur werden wel als redelijk beoordeeld en komen voor vergoeding in aanmerking.
De rechtbank baseerde haar oordeel op de artikelen 8:54, 8:75 en 8:75a van de Algemene wet bestuursrecht en het Besluit proceskosten bestuursrecht. Tevens wees de rechtbank op de verplichting van het UWV om het betaalde griffierecht te vergoeden.
De uitspraak werd gedaan door rechter R.J. van Lochem en griffier L. Zwager op 24 augustus 2023 en is zonder zitting uitgesproken.
Uitkomst: Het UWV is veroordeeld tot vergoeding van proceskosten van verzoekster ter hoogte van € 2.458,88.