In deze strafzaak vordert de officier van justitie een machtiging van de rechter-commissaris voor het verrichten van een actief, grootschalig DNA-verwantschapsonderzoek. Dit onderzoek richt zich op het vergelijken van het SNP-DNA-profiel van een onbekende verdachte van een woningoverval met dodelijke afloop in 2004 met DNA-profielen in de private genealogische databanken GEDMatch en FamilyTreeDNA.
De feiten betreffen een woningoverval in Berg en Terblijt waarbij een mannelijke bewoner is overleden en de vrouw zwaar gewond raakte. Er is slechts één dader, van vermoedelijk Europese herkomst, waarvan DNA en dactyloscopische sporen zijn veiliggesteld, maar tot op heden geen match in de Nederlandse databank Vermiste Personen of andere opsporingsmiddelen.
De rechter-commissaris overweegt dat het DNA-verwantschapsonderzoek een uitzondering vormt op het algemene verbod op verwerking van genetische gegevens en dat een schriftelijke machtiging noodzakelijk is indien het onderzoek plaatsvindt met DNA-profielen die volgens het Wetboek van Strafvordering zijn verwerkt. Omdat het hier gaat om een vergelijking met profielen in private databanken van personen die expliciet toestemming hebben gegeven, is formeel geen machtiging vereist, maar de officier van justitie heeft uit zorgvuldigheid toch een machtiging gevraagd.
De rechter-commissaris concludeert dat de inzet van dit grootschalige DNA-verwantschapsonderzoek proportioneel en subsidiar is, mede gelet op de ernst van het strafbare feit en het feit dat eerdere opsporingsmiddelen geen resultaat hebben opgeleverd. De machtiging wordt daarom verleend onder de voorwaarden zoals omschreven in de vordering.