Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
1.Inleiding
2.De feiten
3.Het geschil
4.De beoordeling
- alleen als de uitslag van de D-dimeerbepaling ‘normaal’ is een longembolie kan worden uitgesloten;
- dezelfde dag moet worden doorverwezen naar een internist of longarts als de uitslag niet ‘normaal’ is.
Bij een deel van de patiënten is DVT of longembolie uit te sluiten door gebruik te maken van een beslisregel die bestaat uit gegevens uit de anamnese en lichamelijk onderzoek, en daarnaast een D-dimeerbepaling.
Als DVT en longembolie na toepassing van de beslisregel niet kunnen worden uitgesloten, is beeldvormend onderzoek noodzakelijk.
Op grond van anamnese en lichamelijk onderzoek alléén zijn zowel DVT als longembolie niet met voldoende zekerheid te bevestigen of uit te sluiten.
Bij een deel van de patiënten is met behulp van beslisregels gecombineerd met een D-dimeerbepaling zowel DVT als longembolie met grote waarschijnlijkheid uit te sluiten. Verwijzing is voor deze patiënten dan niet noodzakelijk; bij een vermoeden van DVT hoeft tot 49% van de patiënten dan niet te worden verwezen, bij longembolie is dat 45%.
Voor definitieve vaststelling van een DVT of longembolie is beeldvormend onderzoek noodzakelijk. Het zorgvuldig vaststellen van DVT of longembolie is belangrijk vanwege de ernst van de aandoening, maar ook omdat de behandeling intensief, langdurig en niet zonder risico is.