ECLI:NL:RBLIM:2023:6854
Rechtbank Limburg
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen sluiting woning wegens aantreffen 62 kg heroïne
Verzoeker heeft bezwaar gemaakt tegen het besluit van de burgemeester van Maastricht om zijn woning te sluiten voor drie maanden op grond van artikel 13b van de Opiumwet, nadat in de schuur op het erf 62 kilogram heroïne werd aangetroffen.
De voorzieningenrechter oordeelt dat de burgemeester bevoegd was en in redelijkheid mocht besluiten tot sluiting, omdat de woning inclusief het erf en de schuur als drugspand kan worden aangemerkt en de hoeveelheid harddrugs een handelshoeveelheid betreft. De burgemeester heeft rekening gehouden met persoonlijke omstandigheden van verzoeker, waaronder zijn detentie, gezondheid en financiële situatie.
Verzoeker stelde dat hij niet betrokken was bij de drugshandel en niet op de hoogte was van de drugs, maar de voorzieningenrechter acht het onaannemelijk dat zo'n grote hoeveelheid heroïne onopgemerkt in zijn schuur kon liggen. Ook is de sluiting evenredig gelet op de ernst van de situatie en de belangenafweging door de burgemeester.
De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af en ziet geen aanleiding voor vergoeding van griffierecht of proceskosten.
Uitkomst: Verzoek om voorlopige voorziening tegen sluiting woning wegens aantreffen 62 kg heroïne wordt afgewezen.