Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBLIM:2023:7055

Rechtbank Limburg

Datum uitspraak
29 november 2023
Publicatiedatum
4 december 2023
Zaaknummer
10684649 \ CV EXPL 23-3761
Instantie
Rechtbank Limburg
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6.1.2 WlzArt. 2.1.4 lid 1 Wmo 2015Art. 2.1.4 lid 6 Wmo 2015Art. 3.3.1.3 Besluit langdurige zorgArt. 3.1 Uitvoeringsbesluit Wmo 2015
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vordering CAK tot betaling eigen bijdrage zorg en incassokosten toegewezen

Het CAK vordert betaling van een openstaande eigen bijdrage van € 10.355,42, een vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten van € 1.063,05 en wettelijke rente van gedaagde, die in een zorginstelling verbleef en voorzieningen ontving waarvoor een eigen bijdrage verschuldigd is op grond van de Wlz en Wmo 2015.

Gedaagde erkent de vordering, waardoor de kantonrechter de hoofdsom toewijst. De buitengerechtelijke incassokosten worden eveneens toegewezen omdat het CAK onbetwist werkzaamheden heeft verricht die niet als voorbereiding van een procedure gelden en het gevorderde bedrag conform het Besluit vergoeding buitengerechtelijke incassokosten is.

De wettelijke rente wordt als onbetwist toegewezen vanaf 21 augustus 2023. Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van de proceskosten aan de zijde van het CAK, begroot op € 1.040,49. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.

Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van de openstaande eigen bijdrage, incassokosten en wettelijke rente aan het CAK.

Uitspraak

RECHTBANK LIMBURG

Burgerlijk recht
Zittingsplaats Maastricht
Zaaknummer: 10684649 \ CV EXPL 23-3761
Vonnis van de kantonrechter van 29 november 2023
in de zaak van:
de publiekrechtelijke rechtspersoon zelfstandig bestuursorgaan met eigen rechtspersoonlijkheid
CAK,
gevestigd te ’s-Gravenhage,
eisende partij,
gemachtigde drs. M.D. Brouwer,
tegen:
[gedaagde],
wonende [adres] ,
[woonplaats] ,
gedaagde partij,
gemachtigde [naam gemachtigde] .
Partijen zullen hierna CAK en [gedaagde] genoemd worden.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding
- de schriftelijke weergave van het mondelinge antwoord.
1.2.
Ten slotte is vonnis bepaald.

2.Het geschil

2.1.
CAK vordert – samengevat - veroordeling van [gedaagde] tot betaling van € 12.491,06 te vermeerderen met rente en kosten.
2.2.
[gedaagde] verblijft (of heeft verbleven) in een zorginstelling en heeft (maatwerk)voorzieningen en/of persoonsgebonden budget ontvangen. Op grond van artikel 6.1.2. Wlz of artikel 2.1.4 lid 1 en lid 6 Wmo 2015, in samenhang met artikel 3.3.1.3 Besluit langdurige zorg en artikel 3.1. Uitvoeringsbesluit Wmo 2015 dient [gedaagde] hiervoor een eigen bijdrage te betalen aan CAK.
2.3.
[gedaagde] heeft een bedrag groot € 10.355,42 onbetaald gelaten. Voorts stelt CAK dat [gedaagde] aan haar een vergoeding van € 1.063,05 voor buitengerechtelijke incassokosten inclusief btw verschuldigd is. Daarnaast is [gedaagde] betaling van de wettelijke rente verschuldigd. CAK berekent de wettelijke rente tot 21 augustus 2023 op € 1.072,59.
2.4.
[gedaagde] erkent de vordering.

3.De beoordeling

3.1.
Uit het antwoord van [gedaagde] is de kantonrechter gebleken dat de vordering van CAK niet althans onvoldoende wordt betwist. De vordering ten aanzien van de hoofdsom dient daarom te worden toegewezen.
3.2.
CAK maakt aanspraak op een vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten. Aangezien de grondslag van de vordering van het CAK in de wet en niet in een overeenkomst is gelegen, is voor de toewijsbaarheid van dit gedeelte van de vordering niet noodzakelijk dat het CAK een zogenaamde veertiendagenbrief aan [gedaagde] heeft gestuurd. CAK heeft onbetwist gesteld dat zij werkzaamheden heeft verricht die niet kunnen worden beschouwd als werkzaamheden ter voorbereiding van een procedure, zodat de kosten voor deze werkzaamheden als buitengerechtelijke incassokosten voor vergoeding in aanmerking komen. Voor de hoogte van de toewijsbare vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten zoekt de kantonrechter aansluiting bij het in het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten (hierna: Besluit) bepaalde tarief. Het gevorderde bedrag van € 1.063,05 komt overeen met de tarieven in het Besluit en wordt dan ook toegewezen.
3.3.
De gevorderde wettelijke rente zal als onweersproken worden toegewezen.
3.4.
[gedaagde] zal als de in het ongelijk gestelde partij worden veroordeeld in de kosten van deze procedure. De kosten aan de zijde van CAK worden begroot op:
  • dagvaarding € 130,49
  • griffierecht € 514,00
  • salaris gemachtigde €
totaal € 1.040,49

4.De beslissing

De kantonrechter
4.1.
veroordeelt [gedaagde] om aan CAK tegen behoorlijk bewijs van kwijting te betalen een bedrag van € 12.491,06, te vermeerderen met de wettelijke rente over € 10.355,42 vanaf 21 augustus 2023 tot de dag van volledige betaling,
4.2.
veroordeelt [gedaagde] in de kosten van de procedure aan de zijde van CAK gevallen en aan die zijde tot op heden begroot op een bedrag van € 1.040,49,
4.3.
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. E.V.L. Heuts en in het openbaar uitgesproken.
type: JEC