Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBLIM:2023:7320

Rechtbank Limburg

Datum uitspraak
13 december 2023
Publicatiedatum
15 december 2023
Zaaknummer
10657896 \ CV EXPL 23-3495
Instantie
Rechtbank Limburg
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Toerekenbare tekortkoming bij aanneming van werk en veroordeling tot betaling

In deze civiele procedure vordert eisende partij betaling wegens tekortkoming door gedaagde in de nakoming van een aannemingsovereenkomst. Gedaagde heeft na verkregen uitstel niet meer gereageerd, waardoor de vordering als niet weersproken wordt beschouwd.

De kantonrechter verklaart dat gedaagde toerekenbaar tekort is geschoten in zijn verplichtingen voortvloeiende uit de aannemingsovereenkomst. Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van €21.589,56, te vermeerderen met wettelijke rente vanaf 8 augustus 2023 tot volledige betaling.

Daarnaast wordt gedaagde veroordeeld in de proceskosten aan de zijde van eisende partij, begroot op €1.354,42, en in de nakosten conform LOVCK-richtlijnen. Het vonnis wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard en bij niet-nakoming binnen twee weken worden aanvullende kosten opgelegd.

Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van €21.589,56 plus wettelijke rente en proceskosten wegens toerekenbare tekortkoming.

Uitspraak

RECHTBANK LIMBURG

Burgerlijk recht
Zittingsplaats Maastricht
Zaaknummer: 10657896 \ CV EXPL 23-3495
Vonnis van de kantonrechter van 13 december 2023
in de zaak van:

2 [eiseres sub 2] ,beiden wonende [adres 1] , [woonplaats 1] ,

eisende partij,
gemachtigde mr. N. Hollander,
tegen:
[gedaagde] ,h.o.d.n.
[handelsnaam],
wonende [adres 2] ,
[woonplaats 2] ,
gedaagde partij,
procederende in persoon.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding
- het verzoek om uitstel van gedaagde partij.
1.2.
Ten slotte is vonnis bepaald.

2.De beoordeling

2.1.
Gedaagde partij heeft, na verkregen uitstel niet meer geantwoord. De vordering van eisende partij staat daarom als niet weersproken tussen partijen vast en behoort als onvoldoende betwist te worden toegewezen behoudens de gevorderde uitvoerbaar bij voorraad verklaring van de verklaring voor recht, welke zich hiertoe niet leent.
2.2.
Gedaagde partij zal worden veroordeeld in de kosten van de procedure. De kosten aan de zijde van eisende partij worden begroot op:
  • dagvaarding € 132,42
  • griffierecht € 693,00
  • salaris gemachtigde €
totaal € 1.354,42
2.3.
De gevorderde nakosten worden, met inachtneming van de richtlijnen van het LOVCK, toegewezen op de hierna in het dictum te vermelden wijze.

3.De beslissing

De kantonrechter
3.1.
verklaart voor recht dat gedaagde partij toerekenbaar tekort in geschoten in de nakoming van zijn verplichtingen jegens eisende partij voortvloeiende uit de aan de dagvaarding gehechte overeenkomsten van aanneming van werk,
3.2.
veroordeelt gedaagde partij om aan eisende partij tegen behoorlijk bewijs van kwijting te betalen een bedrag van € 21.589,56, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf 8 augustus 2023 tot de dag van volledige betaling,
3.3.
veroordeelt gedaagde partij in de kosten van de procedure aan de zijde van eisende partij gevallen en aan die zijde tot op heden begroot op een bedrag van € 1.354,42,
3.4.
veroordeelt gedaagde partij als deze niet binnen twee weken na aanschrijving door eisende partij volledig aan dit vonnis voldoet, in de na dit vonnis ontstane kosten, begroot op:
- € 132,00 aan salaris gemachtigde,
- te vermeerderen, indien betekening van het vonnis heeft plaatsgevonden, met de explootkosten van betekening van het vonnis,
3.5.
verklaart dit vonnis voor wat betreft de veroordelingen uitvoerbaar bij voorraad,
3.6.
wijst het meer of anders gevorderde af.
Dit vonnis is gewezen door mr. E.V.L. Heuts en in het openbaar uitgesproken.
type: JEC