Op 9 september 2021 werd in een pand te Sittard een hennepplantage met 1180 planten aangetroffen. Verdachte had het pand gehuurd en verklaarde een kleine rol te hebben gespeeld bij het opbouwen van de plantage, maar kon geen details geven over de plantage of betrokken personen. De rechtbank oordeelde dat verdachte niet als medepleger kon worden aangemerkt, omdat hij geen nauwe en bewuste samenwerking had met de telers en geen macht over de planten had.
Wel werd bewezen verklaard dat verdachte medeplichtig was door het pand ter beschikking te stellen voor de hennepteelt. Verdachte werd vrijgesproken van de beschuldigingen van diefstal van elektriciteit en water, omdat geen bewijs van betrokkenheid was gevonden. De rechtbank legde een gevangenisstraf van zes weken op, rekening houdend met de grote hoeveelheid hennep en de professionele opzet van de plantage.
De benadeelde partij werd niet-ontvankelijk verklaard in haar vordering tot schadevergoeding wegens diefstal van elektriciteit. De strafbaarheid van verdachte werd bevestigd omdat geen omstandigheden zijn gebleken die deze uitsluiten. Het vonnis werd uitgesproken door drie rechters op 14 maart 2023.