Uitspraak
RECHTBANK Limburg
1.De procedure
- de conclusie van antwoord, tevens inhoudende eis in reconventie, met productie 1;
- het proces-verbaal van de mondelinge behandeling van 26 juni 2024.
2.De feiten
dat de geldnemer aan de hypotheekbank dan wel aan haar rechtsvoorgangers recht van hypotheek heeft verleend op een registergoed, aan partijen genoegzaam bekend en vastgelegd bij notariële akte, verleden op 28 oktober 1993 (…);
dat de geldnemer een geldlening wenst op te nemen onder de zekerheid van voornoemde hypotheekstelling;
dat alle voorwaarden en bedingen, verbonden aan deze hypotheekstelling eveneens van toepassing zullen zijn op deze geldlening, behoudens de hieronder vermelde wijzigingen of aanvullingen;