Eiser, executeur testamentair van de overleden huisarts, vordert een vergoeding voor het aandeel in de goodwill van de praktijk bij voortzetting door de andere huisarts. De maatschap tussen partijen eindigde door het plotselinge overlijden van eiseres en de praktijk werd voortgezet door gedaagde. De maatschapsovereenkomst regelt de afwikkeling van het vermogen, maar bevat geen bepaling over goodwillvergoeding.
De rechtbank stelt vast dat partijen bewust hebben gekozen voor een model zonder goodwillverplichting en dat geen andere afspraken zijn gemaakt over een vergoeding. Ook op grond van ongerechtvaardigde verrijking en redelijkheid en billijkheid kan geen vergoeding worden toegewezen, omdat de afrekening conform de overeenkomst is en geen lacune bestaat.
De vorderingen van eiser worden afgewezen en hij wordt veroordeeld in de proceskosten. De rechtbank benadrukt dat de praktijkovername is geregeld in de maatschapsovereenkomst en dat toekomstige verdiencapaciteit geen zelfstandige vergoeding rechtvaardigt.