Uitspraak
RECHTBANK Limburg
2.
[gedaagde sub 2],
Rechtbank Limburg
De curator van QES Holding B.V., in faillissement, vorderde betaling van boetes en schadevergoeding van Petel Tech Limited en [gedaagde sub 2], alsmede overdracht van aandelen tegen een bad leaver prijs. De vorderingen waren gebaseerd op vermeende schendingen van de participatieovereenkomst (PO) en managementovereenkomst (MO), waaronder concurrentieactiviteiten en het benaderen van relaties.
Petel Tech c.s. voerden gemotiveerd verweer en betwistten de concurrentie en schendingen. De rechtbank oordeelde dat QES onvoldoende feiten en bewijs had gesteld om schendingen aan te tonen. Met name de activiteiten rondom SOL, ARTES, en contacten met relaties zoals OU en HIT werden niet als concurrerend aangemerkt. Ook het versturen van bedrijfsinformatie door [gedaagde sub 2] werd gerechtvaardigd geacht.
De rechtbank concludeerde dat geen boetes of schadevergoeding verschuldigd waren en dat Petel Tech niet als bad leaver kon worden aangemerkt. Ook de terugvordering van een betaling van €30.500 werd afgewezen omdat deze was overeengekomen in ruil voor intrekking van een faillissementsverzoek. De curator werd veroordeeld in de proceskosten van Petel Tech c.s.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vorderingen van de curator af en veroordeelt hem in de proceskosten van Petel Tech c.s.