Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
1.Het verloop van de procedure
- het verzoekschrift met bijlagen, ingekomen op 20 oktober 2023;
- het F9-formulier van verzoekster van 13 december 2023, met bijlage.
Rechtbank Limburg
Verzoekster, geboren in 1996, vroeg de rechtbank om haar officiële voornaam te wijzigen van haar geregistreerde voornaam naar haar roepnaam, die zij al sinds haar geboorte gebruikt. De ouders van verzoekster waren het bij haar geboorte niet eens over haar naam, wat leidde tot een officiële registratie van een voornaam die niet strookt met haar roepnaam. Door een vechtscheiding en de negatieve associatie met haar officiële voornaam ervaart verzoekster veel ongemak en last in haar dagelijks leven.
De rechtbank beoordeelde het verzoek op grond van artikel 1:4 BW Pro en concludeerde dat verzoekster een voldoende zwaarwichtig belang had bij de wijziging. Er waren geen beletselen op grond van artikel 1:4 lid 2 BW Pro, zoals ongepastheid van de gewenste voornaam. De wijziging wordt formeel vastgelegd door een latere vermelding aan de geboorteakte.
De beschikking werd op 9 januari 2024 uitgesproken door rechter P.H.J. Frénay en griffier S.M.L.C. Vos-Limpens. Tegen deze beschikking staat hoger beroep open binnen drie maanden, uitsluitend via een advocaat, bij het gerechtshof te 's-Hertogenbosch.
Uitkomst: Verzoek tot wijziging van de voornaam wordt toegewezen wegens een voldoende zwaarwichtig belang en negatieve associatie met de huidige voornaam.