ECLI:NL:RBLIM:2024:2357
Rechtbank Limburg
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen omgevingsvergunning tijdelijke huisvesting vluchtelingen
Verzoekers hebben een voorlopige voorziening gevraagd tijdens het beroep tegen een eerder verleende omgevingsvergunning voor tijdelijke huisvesting van vluchtelingen. Deze vergunning, verleend op 11 oktober 2022 voor zes maanden en verlengd tot 15 november 2023, was ten tijde van het verzoek al verlopen.
De voorzieningenrechter oordeelt dat er geen spoedeisend belang bestaat voor het treffen van een voorlopige voorziening, omdat de vergunning waartegen het verzoek is gericht niet meer van kracht is. Het feit dat verzoekers het niet eens zijn met de afloop van deze vergunning en dat zij een nieuwe vergunning hebben aangevraagd, rechtvaardigt geen voorlopige voorziening.
Ook het argument dat de spoed ligt bij een latere vergunning die afloopt op 15 mei 2024, kan niet worden toegerekend aan het bestreden besluit. Het verzoek wordt daarom afgewezen en er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen wegens het ontbreken van een spoedeisend belang.