Bemu en [gedaagde] sloten in december 2022 mondeling een koopovereenkomst voor een landbouwvoertuig, de Valtra T235D. [gedaagde] factureerde de koopprijs van €176.660,- per omgaande, maar Bemu betaalde niet. Op 4 januari 2023 ontbond [gedaagde] de overeenkomst buitengerechtelijk.
Bemu vorderde vervolgens €23.000,- schadevergoeding wegens wanprestatie, maar de rechter oordeelde dat Bemu in verzuim was omdat zij niet binnen een redelijke termijn had betaald, ondanks de duidelijke factuur met betalingstermijn “per omgaande”. De kantonrechter stelde vast dat in de branche direct betalen gebruikelijk is en dat Bemu geen protest had aangetekend tegen de factuur of betalingstermijn.
De ontbinding door [gedaagde] was daarmee rechtsgeldig. De vordering van Bemu werd afgewezen en zij werd veroordeeld in de proceskosten. Het vonnis werd op 15 mei 2024 uitgesproken door de kantonrechter te Maastricht.