ECLI:NL:RBLIM:2024:3506
Rechtbank Limburg
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ontbinding arbeidsovereenkomst wegens verstoorde arbeidsverhouding ondanks lang dienstverband en onvoldoende verwijtbaarheid werknemer
De werknemer was sinds 1998 in dienst bij MB als Customer Service Representative. Na een werkgerelateerd conflict in 2018 en een periode van ziekte volgden re-integratiepogingen, waaronder in ander werk en in het tweede spoor, die niet succesvol waren. In 2023 vond een reorganisatie plaats waarbij de functie van de werknemer kwam te vervallen, waarna zij een seniorfunctie aangeboden kreeg onder voorwaarden die zij deels betwistte.
MB gaf de werknemer in oktober 2023 een formele waarschuwing vanwege diverse gedragsproblemen, waaronder het weigeren van werkopdrachten en ongefundeerde aantijgingen. Pogingen tot mediation werden door de werknemer geweigerd, ondanks het diepgewortelde wantrouwen en de verstoorde arbeidsverhouding die daardoor bleef bestaan.
MB verzocht ontbinding van de arbeidsovereenkomst op meerdere gronden, waaronder verwijtbaar handelen en verstoorde arbeidsverhouding. De kantonrechter oordeelde dat hoewel het gedrag van de werknemer niet respectvol en soms escalerend was, dit onvoldoende ernstig was voor ontbinding op de verwijtbaarheidsgrond. Wel was sprake van een onherstelbare verstoorde arbeidsverhouding, mede doordat de werknemer niet bereid was mediation te accepteren.
De arbeidsovereenkomst wordt ontbonden per 1 oktober 2024 op grond van de verstoorde arbeidsverhouding. De werknemer heeft recht op transitievergoeding en wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De arbeidsovereenkomst wordt ontbonden per 1 oktober 2024 wegens een verstoorde arbeidsverhouding, met recht op transitievergoeding voor de werknemer.