Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
1.De procedure
- de conclusie van antwoord
- de brief waarin een mondelinge behandeling is bepaald
2.Het geschil
3.De beoordeling
- salaris gemachtigde €
408,00(2 punten x tarief € 204,00)
Rechtbank Limburg
Zuyd Hogeschool vordert betaling van een restant collegegeld van €1.395,41 van een student die was ingeschreven voor de studiejaren 2018/2019 en 2019/2020. De student had het collegegeld in termijnen betaald, maar meerdere termijnen werden gestorneerd. Ondanks aanmaningen bleef de betaling uit.
De rechtbank stelt vast dat de student onbetwist stond ingeschreven en collegegeld verschuldigd is. De student voerde verweer met persoonlijke omstandigheden en betalingsonmacht, maar deze worden niet aanvaard omdat zij voor eigen rekening komen en de betalingsverplichting niet opheffen.
De rechtbank wijst de vordering toe, inclusief wettelijke rente vanaf 22 januari 2024 over het resterende bedrag en vergoeding van buitengerechtelijke kosten conform het Besluit. De proceskosten worden eveneens aan de student opgelegd. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: De student wordt veroordeeld tot betaling van €1.395,41 plus wettelijke rente en proceskosten aan Zuyd Hogeschool.