Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 19 juli 2024 in de zaak tussen
[eiseres] , wonende te [woonplaats] , eiseres
[derde-partij] h.o.d.n. [bedrijfsnaam](vergunninghoudster),
Rechtbank Limburg
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het besluit van het college van burgemeester en wethouders van Maastricht om een omgevingsvergunning te verlenen aan vergunninghoudster voor het gebruik van gevel- en straatterrassen met verruimde openingstijden tot 23:00 uur.
De rechtbank heeft vastgesteld dat de aanvraag en het besluit vallen onder de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) zoals die gold vóór 1 januari 2024. Eiseres woont niet in het pand naast het restaurant, maar verhuurt dit aan studenten die ook overlast ervaren. Zij stelt dat de overlast sinds de vestiging van vergunninghoudster aanzienlijk is en verzoekt om intrekking van de vergunning.
De rechtbank overweegt dat de vergunning is verleend met voorwaarden die de geluidsbelasting beperken, waaronder maximale geluidsniveaus, geen muziek op het terras, en een maximale bezetting. Het college baseerde zich op het Hogere grenswaarden beleid en een akoestisch rapport waaruit bleek dat de geluidsnormen slechts licht worden overschreden en dit aanvaardbaar is in het gebiedstype intensief wonen/werken.
De rechtbank concludeert dat de ervaren geluidoverlast niet onevenredig is en dat het college de vergunning op goede gronden heeft verleend. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard, en eiseres krijgt geen vergoeding van griffierecht of proceskosten.
Uitkomst: Het beroep tegen de verlening van de omgevingsvergunning wordt ongegrond verklaard en de vergunning blijft van kracht.