Uitspraak
[verdachte] ,
Feiten
Procedure
Ontvankelijkheid
geen titelom de veroordeelde in deze zaak in hechtenis te nemen.
Beslissing
niet-ontvankelijkin het bezwaar.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Limburg
De politierechter heeft bij vonnis van 5 augustus 2021 aan de veroordeelde een taakstraf van 200 uren opgelegd met een vervangende hechtenis van 100 dagen voor het niet verrichten van de taakstraf. Het Openbaar Ministerie stelde dat de vervangende hechtenis moest worden toegepast en bracht hiervan op 10 mei 2024 kennis aan de veroordeelde.
De veroordeelde diende op 23 mei 2024 bezwaar in tegen deze kennisgeving. Tijdens de openbare terechtzitting op 16 juli 2024 werden de veroordeelde en de officier van justitie gehoord. De politierechter oordeelde dat in het dossier geen door de officier van justitie ondertekende en gedateerde beslissing aanwezig was die de tenuitvoerlegging van de vervangende hechtenis beval.
De rechtbank stelde dat een ondertekende en gedateerde beslissing essentieel is om de bevoegdheid en de termijn van de beslissing te verifiëren. Verwijzend naar eerdere jurisprudentie en het Besluit regels landelijk parket en functioneel parket, concludeerde de rechtbank dat de bevoegdheid tot het bevelen van vrijheidsontneming niet gemandateerd kan worden zonder een verifieerbare beslissing.
Omdat de kennisgeving zonder een geldige onderliggende beslissing was gedaan, was deze inhoudsloos en bestond er geen belang meer bij het bezwaar. Daarom verklaarde de rechtbank het bezwaar niet-ontvankelijk en bevestigde dat er geen titel bestaat om de veroordeelde in hechtenis te nemen.
Uitkomst: Het bezwaar tegen de kennisgeving van vervangende hechtenis wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van een ondertekende en gedateerde beslissing van de officier van justitie.