Uitspraak
RECHTBANK Limburg
1.[eiser sub 1] ,
2.
[eiser sub 2],
Rechtbank Limburg
In deze civiele zaak tussen eisers en een bouwbedrijf staat de aanneming van werk en de oplevering van een woning centraal. Eisers kochten een woning en sloten een aannemingsovereenkomst met gedaagde voor verbouwingswerkzaamheden. Er ontstond discussie over het moment van oplevering en de aanwezigheid van gebreken.
De rechtbank oordeelt dat ingebruikname van de woning op 1 augustus 2021 geen oplevering was, omdat eisers genoodzaakt waren te verhuizen. De oplevering vond plaats op 21 januari 2022 tijdens een opname door Perfectkeur, waarbij gebreken werden vastgesteld. Het rapport van een latere deskundige wordt slechts beperkt meegenomen voor verborgen gebreken die niet bij oplevering zichtbaar waren.
De rechtbank wijst herstelkosten toe voor diverse verborgen gebreken, waaronder slechte isolatie van dorpels, ongeschikte dakpannen en gebreken aan de gashaard. Daarnaast veroordeelt zij gedaagde tot betaling van deskundigen- en beslagkosten. In reconventie wordt eisers veroordeeld tot betaling van openstaande facturen. De proceskosten worden tussen partijen gecompenseerd.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van €19.036,83 schadevergoeding en bijkomende kosten wegens verborgen gebreken; eisers worden veroordeeld tot betaling van openstaande facturen.