ECLI:NL:RBLIM:2024:5534

Rechtbank Limburg

Datum uitspraak
14 augustus 2024
Publicatiedatum
16 augustus 2024
Zaaknummer
10914103 \ CV EXPL 24-623
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:119a BW
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Betalingsovereenkomst en incassokosten bij niet-nakoming opdracht Google Street View

Eiser heeft met gedaagde een overeenkomst gesloten voor het maken van Google Street View, een logo en bijkomende werkzaamheden. Gedaagde heeft de factuur van 10 juli 2023 niet voldaan ondanks aanmaningen, waardoor hij volgens eiser toerekenbaar tekort is geschoten en in verzuim is geraakt.

Gedaagde betwist de bevoegdheid van een door hem aangewezen vriend om namens hem de overeenkomst te ondertekenen en stelt dat hij de kosten te hoog vond. Eiser stelt dat de opdracht op 4 juli 2023 telefonisch met gedaagde is bevestigd en dat de bedenktijd van vijf dagen voor annulering is verstreken toen gedaagde op 10 juli 2023 annuleerde.

De kantonrechter oordeelt dat gedaagde zijn verweer onvoldoende heeft onderbouwd en wijst de vordering van eiser toe, inclusief de hoofdsom, wettelijke handelsrente en buitengerechtelijke incassokosten. Tevens wordt gedaagde veroordeeld in de proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.

Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van de factuur, wettelijke handelsrente en incassokosten.

Uitspraak

RECHTBANKLIMBURG
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Maastricht
Zaaknummer: 10914103 \ CV EXPL 24-623
Vonnis van 14 augustus 2024
in de zaak van
[eiser] H.O.D.N. [handelsnaam 1],
wonende en zaak doende te [woonplaats 1] ,
eisende partij,
hierna te noemen: [eiser] ,
gemachtigde: ARAG SE,
tegen
[gedaagde] H.O.D.N. [handelsnaam 2],
wonende te [woonplaats 2] en zaak doende te [vestigingsplaats] ,
gedaagde partij,
hierna te noemen: [gedaagde] ,
procederend in persoon.

1.De procedure

1.1.
Het verdere verloop van de procedure blijkt uit:
- het verwijzingsvonnis van de kantonrechter te Nijmegen van 5 januari 2024 met aangehecht het exploot van dagvaarding van 12 december 2023 met producties 1 tot en met 4
- het exploot van oproeping van 22 januari 2024
- de schriftelijke weergave van het mondelinge antwoord
- de conclusie van repliek, met producties 5 en 6.
1.2.
Hoewel daartoe bij brief van de griffie van 3 april 2024 in de gelegenheid gesteld, heeft [gedaagde] geen conclusie van dupliek genomen.
1.3.
Daarna is vonnis bepaald.

2.Het geschil

2.1.
[eiser] vordert [gedaagde] bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad tegen behoorlijk bewijs van kwijting te veroordelen tot betaling van:
1. een bedrag van € 595,69, vermeerderd met de wettelijke handelsrente over € 514,13 (hoofdsom) vanaf 12 december 2023 tot aan de datum der voldoening,
2. de kosten van deze procedure vermeerderd met de nakosten.
2.2.
Ter onderbouwing van zijn vordering voert [eiser] (samengevat) het volgende aan. [eiser] heeft met [gedaagde] een overeenkomst gesloten tot het maken van Google street view, een logo en bijkomende werkzaamheden.
[gedaagde] heeft de factuur van 10 juli 2023 van € 514,13 ondanks aanmaningen en sommatie, niet voldaan en [gedaagde] is volgens [eiser] toerekenbaar tekortgeschoten in de nakoming van de verbintenis en is met de betaling van het verschuldigde in verzuim.
2.3.
Daarnaast is [gedaagde] de wettelijke handelsrente ex artikel 6:119a BW aan [eiser] verschuldigd. [eiser] berekent de rente tot en met 7 december 2023 op
€ 4,44. Voorts stelt [eiser] dat [gedaagde] aan [eiser] een vergoeding van € 77,12 voor buitengerechtelijke incassokosten verschuldigd is.
2.4.
[gedaagde] voert verweer. Hiertoe heeft hij gesteld dat hij in het verleden is benaderd door [eiser] in verband met het maken van publiciteit voor zijn snackbar in [vestigingsplaats] . [gedaagde] heeft hiermee ingestemd. Afgesproken was dat [eiser] na het maken van de foto’s weer zou langskomen om over de financiële kant van de zaak te praten. Op het moment dat [eiser] langs kwam was [gedaagde] niet aanwezig maar op zijn werk in Brunssum. Een vriend van [gedaagde] , door [gedaagde] aangeduid met [naam 1] , was wel aanwezig en heeft [gedaagde] gebeld om te overleggen. [naam 1] heeft vervolgens een formulier ingevuld en ondertekend. [gedaagde] stelt dat [naam 1] hiertoe niet bevoegd was. Toen [gedaagde] te horen kreeg wat het ging kosten, vond hij dat teveel. [eiser] ging toch door met de werkzaamheden. [eiser] heeft gezegd dat annulering niet telefonisch kon maar alleen per e-mail.
2.5.
[eiser] heeft bij conclusie van repliek zijn standpunt uitgewerkt en aangevoerd dat er op 4 juli 2023 een afspraak met [gedaagde] is gemaakt, omdat [gedaagde] had aangegeven op 5 juli 2023 niet aanwezig te kunnen zijn. [gedaagde] was op 4 juli 2023 niet aanwezig. [naam 2] , door [gedaagde] [naam 1] genoemd, die zich als manager voorstelde, was wel aanwezig en heeft de overeenkomst in die hoedanigheid ondertekend. [eiser] heeft op 4 juli 2023 telefonisch contact gehad met [gedaagde] , waarbij [gedaagde] heeft aangegeven dat [naam 2] bevoegd was om te tekenen. Tijdens het telefoongesprek heeft [gedaagde] nog twee extra opdrachten gegeven die zijn opgenomen in de overeenkomst.
2.6.
[eiser] heeft – zo stelt hij verder bij repliek – de opdracht per e-mail van 4 juli 2023 om 23.49 uur aangeleverd aan [gedaagde] . Conform de overeenkomst biedt [eiser] een bedenktijd van vijf dagen op basis van de kwaliteit van de verrichte dienst (artikel 9 Algemene Pro Voorwaarden Google Business View). Annulering diende, onder vermelding van de reden daarvan, binnen vijf dagen per e-mail aan [eiser] te gebeuren. [gedaagde] heeft per e-mail van 10 juli 2023 om 19.07 uur geannuleerd. Dit was buiten de bedenktijd waardoor [eiser] de annulering niet heeft geaccepteerd. [eiser] stelt zich op het standpunt dat de stellingen van [gedaagde] als ongegrond en onbewezen gepasseerd dienen te worden en handhaaft zijn vordering.

3.De beoordeling

3.1.
[gedaagde] heeft geen conclusie van dupliek genomen en daarmee zijn verweer niet nader onderbouwd. Dit had wel op zijn weg gelegen, gelet op de repliek van [eiser] .
3.2.
[eiser] heeft gelet hierop zijn vordering betreffende de hoofdsom van € 514,13 voldoende onderbouwd. Het verweer van [gedaagde] is door [eiser] voldoende besproken en weersproken bij repliek. De door [eiser] gegeven bedenktijd heeft [gedaagde] laten verstrijken, hetgeen [gedaagde] niet meer weersproken heeft, zodat de vordering betreffende de onbetaald gelaten factuur zal worden toegewezen.
3.3.
[gedaagde] heeft geen verweer gevoerd tegen de gevorderde wettelijke handelsrente, zodat die eveneens wordt toegewezen.
3.4.
De door [eiser] gevorderde vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten zal worden toegewezen, omdat [gedaagde] de verschuldigdheid daarvan op grond van de tussen hen gesloten overeenkomst niet heeft betwist en het gevorderde bedrag van € 77,12 overeenkomt met het in het Besluit bepaalde tarief.
3.5.
[gedaagde] zal als de in het ongelijk gestelde partij worden veroordeeld in de proceskosten (inclusief nakosten). De proceskosten van [eiser] worden begroot op:
- dagvaarding
107,84
- griffierecht
218,00
- salaris gemachtigde
270,00
(2,00 punten × € 135,00)
- nakosten
67,50
(plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing)
Totaal
663,34

4.De beslissing

De kantonrechter
4.1.
veroordeelt [gedaagde] om aan [eiser] tegen behoorlijk bewijs van kwijting te betalen een bedrag van € 595,69, te vermeerderen met de wettelijke handelsrente als bedoeld in artikel 6:119a BW over € 514,13, vanaf 12 december 2023, tot de dag van volledige betaling,
4.2.
veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten aan de zijde van [eiser] gevallen en aan die zijde tot op heden begroot op € 663,34, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als [gedaagde] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,
4.3.
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. R.P.J. Quaedackers en in het openbaar uitgesproken op
14 augustus 2024.
MW