Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
oorspronkelijke eiseres,
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Limburg
Avista Oil B.V. en gedaagde sloten een overeenkomst waarbij Avista afgewerkte olie ophaalt bij gedaagde. Avista stelde dat de olie vervuild was en eiste een schadevergoeding van €16.919,37 met rente en kosten wegens tekortkoming in de nakoming. Gedaagde betwistte dit en stelde dat de olie vermengd was met olie van anderen, waardoor onduidelijk bleef van wie de vervuiling afkomstig was.
De rechtbank oordeelde dat Avista onvoldoende had onderbouwd dat de vervuilde olie specifiek van gedaagde afkomstig was. Avista had een verklaring overgelegd waaruit bleek dat het monster dat getest werd, een mengsel van olie van meerdere klanten betrof. Avista kon niet aantonen hoe zij de vervuiling aan de olie van gedaagde kon toerekenen.
Daarom werden de vorderingen afgewezen en het eerdere verstekvonnis vernietigd. Avista werd veroordeeld in de proceskosten aan de zijde van gedaagde, begroot op €947 exclusief eventuele betekenkosten. De wettelijke rente over de proceskosten werd toegewezen conform artikel 6:119 BW Pro.
Uitkomst: De vordering van Avista Oil wordt afgewezen wegens onvoldoende bewijs van vervuiling van de olie van gedaagde.