ECLI:NL:RBLIM:2024:6197
Rechtbank Limburg
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bezwaar tegen omgevingsvergunning voor warehouses afgewezen wegens gebrek aan belanghebbende
De rechtbank Limburg heeft op 12 september 2024 uitspraak gedaan in een bestuursrechtelijke zaak waarin eiser bezwaar maakte tegen de verlening van een omgevingsvergunning voor de bouw van twee warehouses met kantoren in Weert. Verweerder had het bezwaar van eiser niet-ontvankelijk verklaard omdat eiser geen belanghebbende zou zijn.
Eiser woont circa 700 meter van de planlocatie en ondervindt geen zichtbare of directe gevolgen van de vergunning. Uit een verkeersonderzoek bleek dat er geen toename van verkeer is die aan de vergunning kan worden toegeschreven. De rechtbank overweegt dat een belanghebbende een voldoende objectief bepaalbaar en rechtstreeks belang moet hebben bij het besluit, wat hier ontbreekt.
De rechtbank concludeert dat eiser geen belanghebbende is en dat het besluit tot niet-ontvankelijkverklaring terecht is genomen. Het beroep is daarom kennelijk ongegrond en wordt ongegrond verklaard. Er is geen aanleiding voor vergoeding van proceskosten. De uitspraak is gedaan zonder zitting op grond van artikel 8:54 Awb Pro.
Uitkomst: Het beroep tegen de niet-ontvankelijkverklaring van het bezwaar is ongegrond verklaard omdat eiser geen belanghebbende is.