Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
3.De beoordeling van het bewijs
4.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
5.De strafbaarheid van de verdachte
6.De straf
“het is toch normaal dat je je broer helpt”. Het maakte de verdachte niet uit dat hij zich daarmee schuldig maakte aan strafbare feiten. Het gemak waarmee de verdachte kennelijk hiertoe over is gegaan en zijn laconieke houding ter terechtzitting over het plegen van dit feit, baart de rechtbank zorgen. De verdachte moet er dan ook van doordrongen worden dat zijn gedrag zeer kwalijk is en niet door de beugel kan.
Nationaal overzicht drugslocaties 2023blijkt dat de provincie Limburg sinds 2019 in de top drie prijkt wat betreft het aantal ontdekte hennepkwekerijen. In het jaar 2023 was deze provincie zelfs de bittere eer toegevallen om nummer één van Nederland te mogen zijn. Kortgezegd, de problematiek loopt, zoals het zo heet, de spuigaten uit. En dan is, zo oordeelt de rechtbank, de vraag gerechtvaardigd of de LOVS oriëntatiepunten - die voor het hele land gelijk zijn - niet aan een kritische beschouwing dienen te worden onderworpen. Immers, staan de in die oriëntatiepunten opgenomen straffen wel in een redelijke verhouding tot de grootte en ernst van de problematiek, als in aanmerking wordt genomen dat in de provincie Limburg in het jaar 2023 ruim twee keer zo veel hennepkwekerijen zijn ontdekt als bijvoorbeeld in de provincie Oost-Brabant? De rechtbank beantwoordt deze vraag ontkennend. De landelijk aanbevolen straffen zijn niet afdoende gebleken om de problematiek in de provincie Limburg te doen afnemen. De almaar groeiende problematiek vraagt om hogere straffen dan in de voornoemde oriëntatiepunten zijn genoemd.
7.De wettelijke voorschriften
8.De beslissing
- verklaart het tenlastegelegde bewezen zoals hierboven onder 3.4 is omschreven;
- spreekt de verdachte vrij van wat meer of anders is ten laste gelegd;
- verklaart dat het bewezenverklaarde het strafbare feit oplevert zoals hierboven onder 4 is omschreven;
- verklaart de verdachte strafbaar;
- veroordeelt de verdachte tot een
- bepaalt dat de straf niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten, omdat de veroordeelde voor het einde van een proeftijd van twee jaren zich aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt;
- veroordeelt de verdachte tot een
- beveelt dat indien de veroordeelde de taakstraf niet naar behoren verricht, vervangende hechtenis zal worden toegepast van 50 dagen.