Werknemer is sinds 2019 in dienst bij Apotheek Voorzorg en heeft een functie als apotheekmedewerker bereidingen. Er zijn in het verleden problemen en pestgedrag geweest tussen werknemer en collega’s. In maart 2024 ontstond een incident met medicatiefout waarvoor werknemer verantwoordelijk werd gehouden, wat leidde tot meerdere gesprekken, een schorsing en mediation die niet tot oplossing leidde.
Apotheek Voorzorg verzocht ontbinding van de arbeidsovereenkomst op de e-grond (verwijtbaar handelen), g-grond (verstoorde arbeidsverhouding) en i-grond (cumulatiegrond). Werknemer was arbeidsongeschikt wegens ziekte en stelde dat het gedrag verband hield met psychische klachten, wat een opzegverbod zou opleveren.
De kantonrechter oordeelde dat het gedrag niet kan worden teruggevoerd op de psychische klachten en dat er geen opzegverbod geldt. De gestelde verwijten zijn onvoldoende onderbouwd en er is geen sprake van een ernstig verwijtbaar handelen. Ook is de arbeidsverhouding weliswaar verstoord, maar niet duurzaam en ernstig genoeg voor ontbinding. De cumulatiegrond faalt eveneens.
Het verzoek tot ontbinding wordt daarom afgewezen en Apotheek Voorzorg wordt veroordeeld in de proceskosten.