Uitspraak
RECHTBANK Limburg
[naam], geboren op [geboortedatum] 2004 te [geboorteplaats] (hierna te noemen: [naam] ),
1.De procedure
- de conclusie van antwoord met producties 1 tot en met 10 van de curator,
Rechtbank Limburg
De vader vorderde een omgangsregeling met zijn meerderjarige zoon die onder curatele staat vanwege een geestelijke beperking. Hij stelde dat de curator onterecht omgang tussen hen belemmert en dat er geen zwaarwegende redenen zijn om omgang te weigeren.
De curator verweerde zich met feiten over de problematische relatie, het gedrag van de vader en de zorgbehoefte van de zoon, onderbouwd met rapportages en observaties van hulpverleningsinstanties. De vader had deze relevante feiten niet aan de rechtbank voorgelegd, wat een schending van artikel 21 Rv Pro opleverde.
De rechtbank oordeelde dat door het niet aanvoeren van deze feiten de vader zijn vordering niet kon onderbouwen. Bovendien is er sprake van een forse weerstand bij de zoon tegen contact met zijn vader, mede door diens gedrag in het verleden. Daarom moet omgang met terughoudendheid en zorgvuldigheid worden benaderd, met het belang van de zoon als leidraad.
De rechtbank wees de vordering af en bepaalde dat partijen ieder hun eigen proceskosten dragen vanwege de familierechtelijke relatie.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering van de vader af wegens schending van artikel 21 Rv en het belang van de zoon.