Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBLIM:2024:8116

Rechtbank Limburg

Datum uitspraak
30 oktober 2024
Publicatiedatum
12 november 2024
Zaaknummer
C/03/333382 / HA ZA 24-340
Instantie
Rechtbank Limburg
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Toestemming voor vrijwaring derde partij in geschil over vervuilde grondstalling

Eiseres vordert schadevergoeding van gedaagde omdat laatstgenoemde tijdelijk vervuilde grond en bouwstoffen op het terrein van eiseres heeft gestald, terwijl alleen toestemming was gegeven voor schone grond. Gedaagde wijst aansprakelijkheid af en stelt dat een derde partij, met wie zij een aannemingsovereenkomst heeft gesloten, verantwoordelijk is voor de vervuiling.

Gedaagde verzoekt de rechtbank om deze derde partij in vrijwaring op te roepen, omdat zij mogelijk regres op deze partij kan nemen. De rechtbank overweegt dat voor toewijzing van een vordering tot oproeping in vrijwaring een rechtsverhouding tussen gedaagde en de derde partij vereist is, maar dat het bestaan daarvan nog niet definitief hoeft vast te staan.

De rechtbank oordeelt dat het niet is uitgesloten dat gedaagde regres kan nemen op de derde partij en wijst daarom het verzoek tot oproeping in vrijwaring toe. In het incident worden de proceskosten gecompenseerd, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt. De zaak wordt op 11 december 2024 voortgezet voor conclusie van antwoord.

Uitkomst: De rechtbank staat toe dat gedaagde de derde partij in vrijwaring oproept en compenseert de proceskosten in het incident.

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK LIMBURG

Burgerlijk recht
Zittingsplaats Maastricht
zaaknummer / rolnummer: C/03/333382 / HA ZA 24-340
Vonnis in incident van 30 oktober 2024
in de zaak van
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
[eiseres in de hoofdzaak, verweerster in het incident],
gevestigd te [vestigingsplaats 1] ,
eiseres in de hoofdzaak,
verweerster in het incident,
advocaat mr. J.B. Gubbels,
tegen
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
MULTICOMPLEX B.V.,
gevestigd te Baarle-Nassau,
gedaagde in de hoofdzaak,
eiseres in het incident,
advocaat mr. T.J. van Veen.
Partijen zullen hierna [eiseres in de hoofdzaak, verweerster in het incident] en Multicomplex genoemd worden.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
  • de dagvaarding met producties 1 t/m 19
  • de incidentele conclusie tot oproeping in vrijwaring met producties A t/m D
  • de incidentele conclusie van antwoord.
1.2.
Ten slotte is vonnis bepaald in het incident.

2.Het geschilin de hoofdzaak2.1. [eiseres in de hoofdzaak, verweerster in het incident] stelt dat Multicomplex tijdelijk een partij grond en bouwstoffen van haar eigen terrein op het terrein van [eiseres in de hoofdzaak, verweerster in het incident] heeft gestald. [eiseres in de hoofdzaak, verweerster in het incident] had alleen toestemming gegeven om tijdelijk schone grond te stallen. De grond bleek echter vervuild. [eiseres in de hoofdzaak, verweerster in het incident] heeft door dit onrechtmatig handelen van Multicomplex schade geleden. Zij heeft Multicomplex daarvoor aansprakelijk gesteld. Multicomplex heeft de aansprakelijkheid afgewezen. Om die reden vordert [eiseres in de hoofdzaak, verweerster in het incident] dat de rechtbank bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad:1. voor recht zal verklaren dat Multicomplex jegens [eiseres in de hoofdzaak, verweerster in het incident] een onrechtmatige daad heeft begaan door het deponeren en verspreiden van de grond en de bouwstof/silicaat en dat Multicomplex gehouden is de daardoor door [eiseres in de hoofdzaak, verweerster in het incident] geleden en nog te lijden schade te vergoeden;

2. Multicomplex zal veroordelen aan [eiseres in de hoofdzaak, verweerster in het incident] te betalen een schadevergoeding inzake kosten [naam 1] ter grootte van € 34.071 10, te vermeerderen met de wettelijke handelsrente vanaf datum delict dan wel vanaf datum dagvaarding;
3. Multicomplex zal veroordelen aan [eiseres in de hoofdzaak, verweerster in het incident] te betalen een schadevergoeding inzake kosten [naam 2] ter grootte van € 368.970,85, te vermeerderen met de wettelijke handelsrente vanaf datum delict dan wel vanaf datum dagvaarding;
4. Multicomplex zal veroordelen aan [eiseres in de hoofdzaak, verweerster in het incident] te betalen een schadevergoeding inzake kosten [naam 3] ter grootte van € 30.375,00, te vermeerderen met de wettelijke handelsrente vanaf datum delict dan wel vanaf datum dagvaarding;
5. Multicomplex zal veroordelen aan [eiseres in de hoofdzaak, verweerster in het incident] te betalen een schadevergoeding inzake
buitengerechtelijke kosten ter grootte van € 3.942,00, te vermeerderen met de wettelijke
handelsrente vanaf datum delict dan wel vanaf datum dagvaarding;
6. Multicomplex zal veroordelen aan [eiseres in de hoofdzaak, verweerster in het incident] te betalen een schadevergoeding inzake beslagkosten ter grootte van € 4.640,59, te vermeerderen met de wettelijke handelsrente vanaf datum delict dan wel vanaf datum dagvaarding;
7. Multicomplex zal veroordelen aan [eiseres in de hoofdzaak, verweerster in het incident] te betalen een vergoeding voor de gemaakte
proceskosten, salaris advocaat inbegrepen, alsmede de nakosten en eventuele betekening, te
vermeerderen met de wettelijke handelsrente vanaf datum dagvaarding.
in het incident
2.2.
Multicomplex vordert dat haar wordt toegestaan de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Van [naam bv] (hierna: [naam bv] ) in vrijwaring op te roepen. Zij stelt daartoe dat tussen haar als opdrachtgever en
[naam bv] een overeenkomst houdende aanneming van werk tot stand is gekomen. Die overeenkomst betrof het uitvoeren van grondwerkzaamheden. Het uitgraven van de grond op het terrein van Multicomplex alsmede het transporteren en deponeren van uitgegraven grond op het terrein van [eiseres in de hoofdzaak, verweerster in het incident] is in het kader van die overeenkomst uitgevoerd door [naam bv] . Indien [naam bv] grondsoorten en/of bouwstoffen met elkaar heeft vermengd, en als gevolg daarvan het terrein van [eiseres in de hoofdzaak, verweerster in het incident] heeft vervuild, is
[naam bv] jegens Multicomplex tekortgeschoten in de nakoming van de aannemingsovereenkomst. In dat geval is [naam bv] aansprakelijk voor de door Multicomplex geleden schade. Multicomplex heeft [naam bv] aansprakelijk gesteld.
2.3.
[eiseres in de hoofdzaak, verweerster in het incident] refereert zich aan het oordeel van de rechtbank.

3.3. De beoordeling in het incident

3.1.
De rechtbank overweegt als volgt. Voor toewijzing van een vordering tot oproeping in vrijwaring is vereist dat de partij die een derde in vrijwaring wenst op te roepen zich beroept op een rechtsverhouding met die derde die meebrengt dat de partij de nadelige gevolgen van de beslissing in de hoofdzaak op die derde kan afwentelen. Het daadwerkelijk bestaan van de gestelde rechtsverhouding behoeft nog niet vast te staan. Dat zal in de vrijwaringszaak moeten worden onderzocht.
3.2.
Gelet op de door Multicomplex aangevoerde grond voor de oproeping in vrijwaring, valt naar het oordeel van de rechtbank op voorhand niet uit te sluiten dat Multicomplex geheel of gedeeltelijk regres zal kunnen nemen op [naam bv] . Dat is voor toewijzing van het verzoek voldoende.
3.3.
De rechtbank is van oordeel dat de incidentele vordering moet worden toegewezen, nu de aangevoerde gronden die vordering kunnen dragen.
3.4.
Naar het oordeel van de rechtbank kan in het incident geen van partijen als de in het ongelijk gestelde partij worden beschouwd. Daarom zullen de proceskosten worden gecompenseerd in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt.

4.De beslissing

De rechtbank
in het incident
4.1.
staat toe dat de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Van [naam bv] , gevestigd te [vestigingsplaats 2] , door Multicomplex wordt gedagvaard tegen de terechtzitting van 11 december 2024,
4.2.
compenseert de kosten van het incident tussen partijen, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt,
in de hoofdzaak
4.3.
bepaalt dat de zaak weer op de rol zal komen van
11 december 2024voor conclusie van antwoord.
Dit vonnis is gewezen door mr. I.M. Etman en in het openbaar uitgesproken. [1]

Voetnoten

1.type: AH