Uitspraak
1.De procedure
- de nagezonden producties van [eiseres]
- de op voorhand ingezonden conclusie van antwoord van [gedaagde]
- de mondelinge behandeling van 11 november 2024, waarbij mr. Rossi een fout in het petitum heeft hersteld.
Rechtbank Limburg
In een kort geding vordert de vrouw, die in een echtscheidingsprocedure verkeert, dat de man wordt veroordeeld tot afgifte van de reservesleutel en het kentekenbewijs van een auto. Zij stelt eigenaar te zijn van de auto en heeft een spoedeisend belang omdat zij de auto nodig heeft voor vervoer en keuring.
De man heeft de reservesleutel en de Duitse kentekenbewijzen meegenomen nadat hij de gezamenlijke woning heeft verlaten. De rechtbank stelt vast dat de auto op naam staat van de vader van de man, maar dat de feitelijke eigenaar de kredietverstrekker is omdat het krediet nog niet volledig is afgelost.
De vrouw baseert haar vordering op eigendomsrecht volgens artikel 5:2 BW Pro en onrechtmatige daad, maar deze grondslagen falen omdat zij niet de eigenaar is. De rechtbank wijst de vordering af en compenseert de proceskosten, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt.
Uitkomst: De vordering tot afgifte van de reservesleutel en het kentekenbewijs wordt afgewezen omdat de vrouw niet de eigenaar is van de auto.