De rechtbank Limburg heeft op 9 december 2024 besloten het onderzoek ter terechtzitting te heropenen in de strafzaak tegen een bewindvoerder die wordt verdacht van verduistering en het gebruik van valse of vervalste geschriften. De zaak is inhoudelijk behandeld op 25 november 2024, waarbij de verdachte, zijn raadsman, de officier van justitie en benadeelde partijen aanwezig waren. De rechtbank constateerde dat zij onvoldoende tijd had om de beraadslaging te voltooien en het vonnis te formuleren, waardoor heropening noodzakelijk werd geacht.
De tenlastelegging omvat twee feiten: het verduisteren van geldbedragen van verschillende rechthebbenden onder bewindvoering tussen 2013 en 2016, en het opzettelijk gebruik maken van valse of vervalste geschriften in de periode 2014 tot 2016. De verduisterde bedragen betreffen in totaal circa €120.748,-, afkomstig van personen onder bewindvoering van de verdachte en andere betrokken bewindvoeringen.
De rechtbank beveelt het onderzoek te hervatten op 18 december 2024, waarna het onderzoek ter terechtzitting zal worden gesloten en het vonnis uitgesproken. Tevens zijn diverse rekeningen en verantwoordingen betreffende het gevoerde bewind over de jaren 2014 en 2015 aangewezen voor nadere beoordeling, waarbij onduidelijkheden bestaan over girale overboekingen en uitgaven naar bankrekeningen op naam van de verdachte. De verdachte wordt opgeroepen voor de hervatting, maar zijn aanwezigheid is niet verplicht. Benadeelde partijen worden eveneens geïnformeerd over de voortgang.