ECLI:NL:RBLIM:2024:931
Rechtbank Limburg
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling tijdelijke omgevingsvergunning voor herstelwerkplaats motorvoertuigen in strijd met bestemmingsplan
De vergunninghouder vroeg een tijdelijke omgevingsvergunning aan voor het afwijken van het bestemmingsplan ten behoeve van een herstelwerkplaats voor motorvoertuigen op een perceel met de bestemming 'Wonen'. Verweerder verleende de vergunning op basis van de kruimelgevallenregeling, waarbij werd vastgesteld dat de activiteit niet in strijd is met een goede ruimtelijke ordening. Eiser maakte bezwaar en stelde onder meer dat de vergunning onterecht werd verleend vanwege vermeende uitbreiding van activiteiten, geluidsoverlast en parkeerproblemen.
De rechtbank oordeelde dat verweerder bij de beoordeling van de goede ruimtelijke ordening terecht rekening hield met de omvang van de activiteit, inclusief het gebruik van twee hefbruggen zoals aangetoond in het akoestisch onderzoek. Het akoestisch onderzoek toonde aan dat de geluidsnormen uit het Activiteitenbesluit niet werden overschreden en verweerder had voldoende zorgvuldigheid betracht bij het toetsen van dit onderzoek. De geluidshinder voor de achtertuin van eiser was meegenomen en niet onaanvaardbaar.
Verder stelde de rechtbank vast dat er geen sprake was van onevenredige parkeerhinder, mede omdat op eigen terrein voldoende parkeergelegenheid aanwezig is. Het bezwaar van eiser over het zaaksgebonden karakter van de vergunning was onvoldoende onderbouwd en maakte de goede ruimtelijke ordening niet onjuist. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en de vergunning bleef in stand.
Uitkomst: Het beroep tegen de tijdelijke omgevingsvergunning voor de herstelwerkplaats wordt ongegrond verklaard en de vergunning blijft in stand.