Uitspraak
RECHTBANK Limburg
1.De zaak in het kort
2.De procedure
- de brief waarin is meegedeeld dat een mondelinge behandeling is bepaald;
3.De feiten
4.De vorderingen van partijen
- [eiser] te verbieden om gedurende 5 jaar met [gedaagde] en/of haar gezin primair in contact te treden dan wel subsidiair contact op te nemen, zowel mondeling als schriftelijk door middel van brieven of het achterlaten van anderszins handgeschreven berichten, als de uitlatingen bedreigende of intimiderende teksten bevatten, op straffe van verbeurte van een dwangsom,
- [eiser] te veroordelen om een bedrag van € 1.895,00 aan schadevergoeding voor de schutting van [gedaagde] te betalen, te vermeerderen met wettelijke rente;
- [eiser] te veroordelen de afwatering van zijn tuinhuisje aan te passen en aangepast te houden, zodat het water niet meer op het perceel van [gedaagde] afwatert op straffe van verbeurte van een dwangsom;
- [eiser] te veroordelen deskundigenkosten van € 3.841,75 inclusief BTW aan [gedaagde] te betalen, te vermeerderen met wettelijke rente;
- [eiser] te veroordelen in de proceskosten.
5.De beoordeling
pas op voor explosie”. Op 1 juni 2024 zou [eiser] opnieuw de partner van [gedaagde] mondeling hebben bedreigd met het ontvoeren van hun dochter en het naar binnen laten gooien van een brandbom. Op 6 juli 2024 trof [gedaagde] weer een bord onder haar auto aan met de tekst “
Pas op explosie: laatste waarschuwing”.