ECLI:NL:RBLIM:2025:12476
Rechtbank Limburg
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid van wrakingsverzoek na uitspraak in hoofdzaak
Verzoeker diende op 26 november 2025 een wrakingsverzoek in tegen de rechter in een civiele zaak. Dit verzoek werd op 1 december 2025 ongegrond verklaard door de wrakingskamer. Vervolgens diende verzoeker op 8 december 2025 een nieuw wrakingsverzoek in tegen de leden van de wrakingskamer die het eerste verzoek hadden behandeld.
De wrakingskamer oordeelde dat op grond van artikel 36 van Pro het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering en het Wrakingsprotocol van de rechtbank Limburg een wrakingsverzoek na de einduitspraak in de hoofdzaak niet-ontvankelijk is. Dit omdat de wet niet voorziet in wraking na uitspraak en het verzoek alleen tegen de behandelend rechter kan worden gericht.
Daarom werd het tweede wrakingsverzoek niet ontvankelijk verklaard. De beslissing werd op 11 december 2025 in het openbaar uitgesproken door de wrakingskamer bestaande uit drie rechters.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek werd niet ontvankelijk verklaard omdat het na de einduitspraak in de hoofdzaak was ingediend.