ECLI:NL:RBLIM:2025:12732

Rechtbank Limburg

Datum uitspraak
15 oktober 2025
Publicatiedatum
19 december 2025
Zaaknummer
C/03/331121 / HA ZA 24-252
Instantie
Rechtbank Limburg
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Civielrechtelijke procedure over aanneming van werk met geschil over oplevering en schadevergoeding

In deze civielrechtelijke procedure, die zich afspeelt in Maastricht, zijn eiser en gedaagde verwikkeld in een geschil over een aannemingsovereenkomst voor renovatiewerkzaamheden aan een zolder en badkamer. De eiser, vertegenwoordigd door mr. B.C. van Hees, heeft een overeenkomst gesloten met de gedaagde, vertegenwoordigd door mr. S.J.M. Peters, voor de renovatie van zijn woning. De werkzaamheden zijn gestart in september 2022, maar er ontstonden al snel geschillen over de uitvoering en oplevering van het werk. Op 13 maart 2023 heeft de gedaagde de werkzaamheden stopgezet, wat leidde tot een conflict over de betaling van facturen en de kwaliteit van het geleverde werk. Eiser heeft zich beroepen op opschorting van betaling vanwege gebreken in de uitvoering. De rechtbank heeft vastgesteld dat de gedaagde in verzuim verkeert en dat de eiser recht heeft op vervangende schadevergoeding. De zaak is complex door de wederzijdse beschuldigingen van onprofessioneel gedrag en seksuele intimidatie, wat de verhoudingen tussen partijen verder heeft verslechterd. De rechtbank heeft besloten een deskundigenonderzoek in te stellen om de gebreken in de werkzaamheden vast te stellen en de kosten van herstel te begroten. De zaak is aangehouden voor verdere behandeling en de partijen zijn in de gelegenheid gesteld om hun standpunten over het deskundigenbericht in te dienen.

Uitspraak

RECHTBANK Limburg

Civiel recht
Zittingsplaats Maastricht
Zaaknummer: C/03/331121 / HA ZA 24-252
Vonnis van 15 oktober 2025
in de zaak van

1.[eiser in conventie, verweerder in reconventie sub 1] ,

2.
[eiseres in conventie, verweerster in reconventie sub 2],
beiden wonende te [woonplaats] ,
eisende partijen in conventie,
verwerende partijen in reconventie,
hierna samen te noemen: [eisers in conventie, verweerders in reconventie] , en separaat te noemen: [eiser in conventie, verweerder in reconventie sub 1] en [eiseres in conventie, verweerster in reconventie sub 2] ,
advocaat: mr. B.C. van Hees,
tegen
[gedaagde in conventie, eiser in reconventie],
wonende te [woonplaats] ,
gedaagde partij in conventie,
eisende partij in reconventie,
hierna te noemen: [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] ,
advocaat: mr. S.J.M. Peters.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
  • het tussenvonnis van 18 september 2024
  • de akte overlegging nadere producties 14 en 15 (d.d. 16 oktober 2024) van [eisers in conventie, verweerders in reconventie]
  • de conclusie van antwoord in conventie tevens inhoudende eis in reconventie met producties 1 tot en met 8 van [gedaagde in conventie, eiser in reconventie]
  • de conclusie van antwoord in reconventie met productie 14 (d.d. 29 januari 2025, hierna opnieuw genummerd als productie 16) van [eisers in conventie, verweerders in reconventie]
  • het niet geregeld verzoek (B16-formulier) van [eisers in conventie, verweerders in reconventie] met productie 15 (d.d. 26 augustus 2025, hierna opnieuw genummerd als productie 17)
  • het proces-verbaal van de mondelinge behandeling van 27 augustus 2025
  • de brief zijdens [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] in reactie op het proces-verbaal.
1.2.
Ten slotte is vonnis bepaald.

2.De feiten

2.1.
Op 19 september 2022 heeft [eisers in conventie, verweerders in reconventie] een offerte renovatie zolder (met een
totaalprijs van € 11.750,00 incl. btw) en een offerte renovatie badkamer / toilet (met een totaalprijs van € 13.500,00 incl. btw) van [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] aanvaard, waardoor tussen partijen een overeenkomst tot aanneming van werk tot stand is gekomen (productie 2 [eisers in conventie, verweerders in reconventie] ).
2.2.
In september/oktober 2022 is [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] begonnen met de werkzaamheden. De
inschatting was dat de werkzaamheden 10 weken zouden duren, met een onderbreking wegens werkzaamheden elders die al vaststonden bij [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] en de kerstvakantie van [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] .
2.3.
[eisers in conventie, verweerders in reconventie] heeft facturen van [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] (in totaal € 14.800,00 bedragend) op respectievelijk 20 oktober 2022, 9 november 2022 en 14 februari 2023 (productie 4 [eisers in conventie, verweerders in reconventie] ) per bank betaald. Daarnaast heeft [eisers in conventie, verweerders in reconventie] in twee deelbetalingen een bedrag van € 3.000,00 contant aan [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] betaald.
2.4.
Op 10 maart 2023 hebben [eisers in conventie, verweerders in reconventie] en [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] het door [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] verrichte werk nagelopen. Partijen verschillen van mening over wat er toen is afgesproken.
2.5.
Op 13 maart 2023 wilde [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] nog de zolder / badkamer verven en kitten, terwijl [eisers in conventie, verweerders in reconventie] wilde dat [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] aan de wc zou beginnen. Daarop heeft [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] meegedeeld van de verdere opdracht af te zien en is hij vertrokken.
2.6.
Bij e-mailbericht van 13 maart 2023, 10:38 PM (achter productie 6 [eisers in conventie, verweerders in reconventie] ) heeft [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] aan [eisers in conventie, verweerders in reconventie] het volgende laten weten:
“(...) Afgelopen vrijdag 10 maart hebben we de oplevering van de werkzaamheden aan de zolder en de badkamer uitgevoerd. Maandag 13 maart zouden we eventuele op- en aanmerkingen bespreken, maar de toegang tot de zolder en badkamer werd mij geweigerd en er werd geëist dat ik de werkzaamheden aan de toilet ging starten. Er zijn maandag 13 maart geen verdere op- en aanmerkingen benoemd, waardoor ik de oplevering van de zolder en badkamer als afgerond beschouw.
De laatste werkzaamheden van de opdracht (...) betrof de vernieuwing van het toilet beneden. Gezien de huidige situatie heb ik vanochtend aangegeven af te zien van deze opdracht. Vandaar dat deze kosten op de factuur in mindering zijn gebracht.
De eindfactuur (...) van de uitgevoerde en opgeleverde werkzaamheden van de zolder (...) en de badkamer (...) vinden jullie in de bijlage terug. Gaarne deze factuur binnen 14 dagen voldoen conform ondertekende offertes d.d. 19/09/2022. (...)”
2.7.
Op 13 maart 2023 heeft [eisers in conventie, verweerders in reconventie] van [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] een factuur ten bedrage van
€ 7.950,00 (productie 5 [eisers in conventie, verweerders in reconventie] ) ontvangen. Hierop staat - voor zover thans van belang - dat “de realisatie van het toilet in mindering [wordt] gebracht aangezien van de uitvoer van deze opdracht is afgezien.”
2.8.
Op 14 maart 2023 heeft [eisers in conventie, verweerders in reconventie] een e-mailbericht (productie 6 [eisers in conventie, verweerders in reconventie] ) naar [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] gestuurd waarin hij reageert op het hiervoor geciteerde e-mailbericht. Volgens [eisers in conventie, verweerders in reconventie] heeft er nog geen enkele oplevering plaatsgevonden:
“We hebben afgelopen vrijdag wel een “werkoverleg” gehad over de nog openstaande werkzaamheden. Daarbij
hebben we aangegeven dat we je een lijst met openstaande werkzaamheden zouden doen toekomen, zodat voor
beide partijen duidelijk zou zijn welke werkzaamheden voor de oplevering - en per wanneer - nog uitgevoerd moeten worden. Dat waren wij genoodzaakt te doen, omdat eerdere afspraken keer-op-keer niet nageleefd werden en deadlines niet gehaald worden. We hebben tevens in dit gesprek afgesproken dat je op maandagochtend (13-3-2023) direct aan het toilet zou beginnen, zodat de stuc op zolder en de badkamer kon drogen. (...) Van alle drie de projectonderdelen hebben we gisteren dan ook foto’s genomen van de huidige stand van zaken, zodat hier geen discussie over mogelijk is.
Daarnaast geef je in de e-mail beneden aan dat jouw toegang tot de zolder en badkamer geweigerd werd en dat er
geëist werd dat je de werkzaamheden aan het toilet ging starten. Ook dit is niet correct. We hebben niets “geëist”
van je; afspraak was dat je aan het toilet zou beginnen maandagochtend. [eiser in conventie, verweerder in reconventie sub 1] was overigens niet aanwezig en [eiseres in conventie, verweerster in reconventie sub 2] heeft je ontvangen en toegang tot het toilet verleend. Je hebt toen zelf de keuze gemaakt om weg te lopen, zonder verder overleg. In onderstaande e-mail geef je zelfs aan dat jij je nu helemaal terugtrekt uit te projecten, voordat ze af en opgeleverd zijn. Daarbij stuur je ook nog een eindfactuur, terwijl we nog midden in de projecten zitten.
Bovenstaande acties betreuren we ten zeerste, maar het getuigt wel weer van een zeer onprofessionele werkhouding, de onbereidheid voor goed overleg en het niet nakomen van eerdere afspraken en overeenkomsten.
NB.Het gesprek van maandagochtend is opgenomen. Dan kan hier ook geen discussie over zijn, hoe dit gesprek precies is verlopen. (...)
Daarnaast wil ik je ook nog laten weten, dat het totaal onacceptabel is geweest dat je mijn vrouw, toen ze thuis alleen was, menig keer onheus bejegend hebt met aanstootgevend en vulgair gedrag. (...)
Het enige wat wij willen, en we betalen je er ook nog goed voor, is een mooie afgewerkte zolder, badkamer en toilet. Dit zijn we ook samen overeengekomen. Nu jij eenzijdig - en zonder gegronde redenen - besloten hebt om te stoppen met de werkzaamheden voordat er opgeleverd is, zijn we genoodzaakt om verdere juridische stappen te ondernemen. (...)
De betaling van factuur met kenmerk “01130323” schorten we op, omdat de werkzaamheden op de factuur niet voldaan zijn en er nog geen oplevering heeft plaatsgevonden. Dat betekent ook dat factuur met kenmerk “01120323” komt te vervallen. Daar verwacht ik een creditfactuur. (...)”
2.9.
Op 17 maart 2023 heeft [eiseres in conventie, verweerster in reconventie sub 2] telefonisch contact opgenomen met
[naam timmerman] , een timmerman die een bekende van beide partijen is en die [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] had aanbevolen bij [eisers in conventie, verweerders in reconventie] [eiseres in conventie, verweerster in reconventie sub 2] heeft verteld aan [naam timmerman] dat [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] zijn werk niet goed heeft gedaan en dat [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] haar onheus heeft bejegend.
2.10.
Bij e-mailbericht van 18 maart 2023 (productie 7 [eisers in conventie, verweerders in reconventie] ) heeft [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] het volgende aan [eisers in conventie, verweerders in reconventie] laten weten:
“(...) Ik heb niet eerder op jouw mail gereageerd, omdat de daarin gemaakte verwijten en aantijgingen te zot voor woorden zijn.
Echter, gisteren werd ik gebeld door [naam timmerman] (de persoon die ons aan elkaar voorgesteld heeft), met het nieuws dat [eiseres in conventie, verweerster in reconventie sub 2] hem had gebeld en dat [eiseres in conventie, verweerster in reconventie sub 2] mij ervan beticht haar onheus bejegend en sexueel geïntimideerd te hebben. Waar zijn jullie in godsnaam mee bezig?? [eiseres in conventie, verweerster in reconventie sub 2] probeerde [naam timmerman] ook uit te lokken om negatief over mij te praten. Waarschijnlijk was zij ook dit gesprek stiekem op aan het nemen.
Ik heb [eiseres in conventie, verweerster in reconventie sub 2] niet onheus bejegend. Niet toen jij erbij was en ook niet de keren toen ik alleen met haar was. [eiseres in conventie, verweerster in reconventie sub 2] praatte er in het begin vaak over dat zij thuis zat, omdat zij geen kantoorbaan kon houden, want er was altijd wel een manager die iets van haar wilde. Volgens haar was dit haar al vaker overkomen. Dit had voor mij al een waarschuwing moeten zijn begrijp ik nu. Nu wordt deze kaart dus richting mij gespeeld, kennelijk enkel met het doel om maar niets meer te hoeven betalen. Dit valt mij erg vies van jullie tegen.
Dat jullie die valse aantijgingen niet concretiseren maar wel overbrengen naar de persoon die mij regelmatig van werk voorziet, kennelijk enkel met het doel mij te beschadigen en schade te berokkenen, is niet alleen onrechtmatig maar ook strafrechtelijk laakbaar. Ik overweeg om aangifte te doen van smaad en laster. In ieder geval zijn jullie bij dezen aansprakelijk gesteld voor alle hieruit voortvloeiende schade en sommeer ik jullie om hiermee per direct te stoppen.
Dat jullie nu pas (nadat ik maanden voor jullie naar beste kunnen gewerkt heb) hiermee komen is ook veelzeggend. Blijkbaar hebben jullie altijd al het plan gehad om mij niet volledig te betalen. Immers, waarom is er nooit eerder iets gezegd over die beweerdelijke “sexuele intimidatie”? Waarom word ik dan zelfs maandag jl. (toen jij, [eiser in conventie, verweerder in reconventie sub 1] , niet thuis was, zoals je ook zelf schrijft) dan nog alleen gelaten met [eiseres in conventie, verweerster in reconventie sub 2] ? Ik moest en zou van [eiseres in conventie, verweerster in reconventie sub 2] aan de WC beginnen. Ik stond met de pot verf onder mijn arm voor de deur om de laatste twee muurtjes en deur af te schilderen, om het boven helemaal klaar te hebben. Die toegang werd mij wel degelijk geblokkeerd. Ik werd niet toegelaten tot mijn werk en ik moest en zou aan de WC beginnen. Wie wordt hier nou geïntimideerd? Ik ben ervan overtuigd dat dit ook uit het gesprek zal volgen dat [eiseres in conventie, verweerster in reconventie sub 2] stiekem opgenomen heeft. Dat zij al op ‘record’ duwt voordat ze de deur opent, is trouwens ook veelzeggend. Blijkbaar heeft ze me toen ook al willen uitlokken.
Hetzelfde geldt overigens voor de door mij verrichte werkzaamheden. Nooit ergens commentaar op gekregen, tot
vrijdag ineens. Toen was alles ineens niet meer goed.
Graag ontvang ik per omgaande de door jullie genoemde gespreksopname, foto’s en contactgegevens van de advocaat.
Indien de maandag door mij verstuurde factuur niet binnen de betalingstermijn is voldaan, zal ik contact opnemen met mijn advocaat en verdere maatregelen treffen. Daarbij zal tevens aanspraak worden gemaakt op de verschuldigde wettelijke rente, buitengerechtelijke incassokosten en schadevergoeding. Daarnaast zal ik navragen in hoeverre ik juridisch recht op een vergoeding voor de talloze andere tussentijdse klusjes die ik op jullie verzoek steeds uitgevoerd heb (en mede waardoor dit project langer heeft geduurd dan ik gehoopt had), want volgens mij is er wettelijk ook nog zoiets als een “redelijk loon”. Strafrechtelijke aangifte van smaad en laster ligt dan bovendien ook in de lijn der verwachting. (...)”
2.11.
Bij brief van 29 maart 2023 (productie 8 [eisers in conventie, verweerders in reconventie] ) heeft [eisers in conventie, verweerders in reconventie] [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] - kort gezegd - ten aanzien van de zolder klachten 1 – 36, ten aanzien van de badkamer klachten 37 – 57 en ten aanzien van de toilet klacht 58 opgesomd. Omdat [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] niet aan zijn verplichtingen voortvloeiend uit de overeenkomst heeft voldaan, beroept [eisers in conventie, verweerders in reconventie] zich op het opschortingsrecht wat betreft het bedrag van € 7.950,00 totdat alle openstaande punten / gebreken zijn afgerond en/of hersteld. Verder heeft [eisers in conventie, verweerders in reconventie] [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] in gebreke gesteld voor de tekortkoming in de nakoming van de overeenkomst en heeft hij [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] aansprakelijk gesteld voor de geleden en nog te lijden schade. Ten slotte is [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] verzocht en gesommeerd om binnen 4 weken de werkzaamheden af te ronden en de gebreken te herstellen. Mocht [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] dat niet (tijdig) doen, dan komt hij in verzuim te verkeren en zal [eisers in conventie, verweerders in reconventie] een gerechtelijke procedure opstarten:
“Vanaf moment verzuim wensen cliënten hun vordering tot nakoming om te zetten in een (vervangende) schadevergoeding, hetgeen betekent dat zij alsdan een derde zullen inschakelen om de werkzaamheden te laten voltooien en de gebreken te herstellen, om deze kosten vervolgens op u te verhalen. Dit schrijven dient u dan ook op te vatten als een omzetverklaring in de zin van artikel 6:87 8W. (...)”
2.12.
Bij brief van 12 mei 2023 (productie 9 [eisers in conventie, verweerders in reconventie] ) heeft [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] aan [eisers in conventie, verweerders in reconventie] allereerst laten weten - kort gezegd - ten stelligste te ontkennen zich schuldig te hebben gemaakt aan seksuele intimidatie van [eiseres in conventie, verweerster in reconventie sub 2] en strafrechtelijke aangifte jegens haar met betrekking tot de door haar gedane aantijgingen te gaan doen. [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] heeft [eiseres in conventie, verweerster in reconventie sub 2] verzocht en gesommeerd binnen 14 dagen schriftelijk opgave te doen van alle personen richting wie zij de aantijgingen heeft geuit alsook een rectificatie uit te brengen richting diegenen om duidelijk te maken dat de beschuldigingen vals / ongegrond althans onrechtmatig zijn en dat zij aansprakelijk is voor de schade. Voorts heeft [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] betwist een harde opleveringstermijn te hebben afgesproken met [eisers in conventie, verweerders in reconventie] [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] heeft laten weten niet te willen meewerken aan een voorlopig deskundigenbericht, omdat hij eerst de geluidsopname en de foto’s overgelegd wil hebben om te kunnen vaststellen of het werk zich nog in de toestand bevindt zoals hij dat op 10 maart 2023 heeft achtergelaten. [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] heeft het verzoek om toezending van de geluidsopname en de door [eisers in conventie, verweerders in reconventie] gemaakte foto’s herhaald. Verder heeft [eisers in conventie, verweerders in reconventie] hem, aldus [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] , voor het karretje gespannen en allerhande andere klusjes laten doen. Als bijlage 1 is meegestuurd een lijst met extra werkzaamheden die [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] heeft gedaan, hetgeen volgens hem 94 uur betreft. Omdat daarvoor geen concreet loon is afgesproken, maakt [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] aanspraak op een redelijk loon dienaangaande van € 50,00 per uur, zijnde € 5.687,00 incl. btw. [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] verzoekt en sommeert [eisers in conventie, verweerders in reconventie] dit bedrag binnen 15 dagen te betalen, waarna hij aanspraak maakt op buitengerechtelijke incassokosten. Pas op 10 maart 2023 komt [eisers in conventie, verweerders in reconventie] met het nieuws dat al hetgeen [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] heeft uitgevoerd en waarmee hij al vanaf 3 [de rechtbank leest en begrijpt: 31] oktober 2022 mee bezig was, niet goed (genoeg) is. [eisers in conventie, verweerders in reconventie] heeft nooit eerder kenbaar gemaakt dat zaken niet goed waren en/of dat de werkzaamheden niet in lijn met de gemaakte afspraken werden uitgevoerd. Volgens [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] moeten nog 6 punten worden afgewerkt, die hij in de brief nader specificeert. Er is sprake van schuldeisersverzuim ex art. 6:58 BW, reden waarom [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] niet in verzuim kan geraken en [eisers in conventie, verweerders in reconventie] niet rechtsgeldig kan opschorten. [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] verzoekt en sommeert [eisers in conventie, verweerders in reconventie] het bedrag van € 7.950,00 te voldoen, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 13 maart 2023.
2.13.
Op 8 juni 2023 heeft [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] bij de politie een melding gemaakt wegens strafrechtelijk laakbaar handelen door [eiseres in conventie, verweerster in reconventie sub 2] .
2.14.
Op 16 juni 2023 heeft [eisers in conventie, verweerders in reconventie] [naam] (hierna: [naam] ), werkzaam als schade-expert bij de [naam bv] (hierna: [naam bv] ), opdracht gegeven onderzoek te verrichten naar (de gebreken van) de door [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] uitgevoerde werkzaamheden. Op 7 juli 2023 heeft [naam] onderzoek ter plekke verricht. [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] is niet door [eisers in conventie, verweerders in reconventie] uitgenodigd om hierbij aanwezig te zijn. Zijn bevindingen heeft [naam] neergelegd in een rapport van 14 september 2023 (productie 10 [eisers in conventie, verweerders in reconventie] ). Kort gezegd heeft [naam] tientallen gebreken aan het werk van [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] geconstateerd. [naam] heeft geconcludeerd dat het werk volledig moet worden overgedaan. De totale kosten van de herstelwerkzaamheden worden door [naam] begroot op € 39.241,64.
2.15.
Op 11 augustus 2023 heeft [naam bv] een factuur van € 2.386,12 incl. btw aan [eisers in conventie, verweerders in reconventie] gestuurd (productie 13 [eisers in conventie, verweerders in reconventie] ).
2.16.
Bij brief van 16 oktober 2023 (productie 11 [eisers in conventie, verweerders in reconventie] ) heeft [eisers in conventie, verweerders in reconventie] - kort gezegd - een kopie van het rapport met bijlagen van [naam] doen toekomen. Gelet daarop is [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] volgens [eisers in conventie, verweerders in reconventie] toerekenbaar tekort geschoten en is hij gehouden de schade van € 39.241,64 te vergoeden. Verder deelt [eisers in conventie, verweerders in reconventie] mee niet gehouden te zijn de factuur van 13 maart 2023 te voldoen. [eisers in conventie, verweerders in reconventie] ontkent en betwist dat [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] voor € 5.687,00 extra werkzaamheden heeft verricht. Volgens [eisers in conventie, verweerders in reconventie] heeft hij maximaal voor € 1.500,00 meerwerk laten uitvoeren. [eisers in conventie, verweerders in reconventie] is niet gehouden de aanvullende factuur te voldoen, laat staan de buitengerechtelijke kosten. Wat betreft de beweerdelijke gedragingen waaraan [eiseres in conventie, verweerster in reconventie sub 2] zich schuldig zou hebben gemaakt, gaat het er niet om hoe [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] die gedragingen interpreteert, maar is de impact van de gedragingen voor [eiseres in conventie, verweerster in reconventie sub 2] relevant. Met betrekking tot het toezenden van gemaakte foto’s en geluidsopnames heeft [eisers in conventie, verweerders in reconventie] laten weten dat een uitgebreide fotocollage als bijlage bij het deskundigenrapport is opgenomen waardoor [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] geen belang meer heeft bij het verzoeken van andere foto’s. [eisers in conventie, verweerders in reconventie] ziet ten slotte niet in waarom de geluidsopname voor [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] relevant is, nu hij daarbij geen belang heeft en [eisers in conventie, verweerders in reconventie] om die reden niet gehouden is de geluidsopname met hem te delen. [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] wordt verzocht en gesommeerd binnen twee weken € 39.241,64 te vergoeden, bij gebreke waarvan (ook) wettelijke rente, buitengerechtelijke kosten en proceskosten zullen worden gevorderd in een gerechtelijk procedure.
2.17.
Bij e-mailbericht van 17 november 2023 heeft [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] aan [eisers in conventie, verweerders in reconventie] - kort gezegd - laten weten niet(s inhoudelijks) te hebben vernomen op zijn brief van 12 mei 2023, terwijl [eisers in conventie, verweerders in reconventie] wel een partijdeskundige heeft ingeschakeld. [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] is niet uitgenodigd hierbij aanwezig te zijn. [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] kan zich niet vinden in het rapport van [naam] ( [naam bv] ), die enkel is afgegaan op de uitlatingen van [eisers in conventie, verweerders in reconventie] Het genoemde bedrag is buitenproportioneel. Verder laat [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] weten op 8 juni 2023 een melding bij de politie te hebben gemaakt en dat [eiseres in conventie, verweerster in reconventie sub 2] niet betwist dat zij bij [naam timmerman] een melding over vermeende seksuele intimidatie heeft gemaakt. Wat betreft de geluidsopname, heeft [eisers in conventie, verweerders in reconventie] zelf benadrukt dat dankzij die geluidsopname er geen discussie kan bestaan over wat precies is gezegd. Waarom delen ze deze dan niet, zo vraagt [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] zich af. [eisers in conventie, verweerders in reconventie] is volgens [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] als eerste in verzuim geraakt en [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] is dan ook degene die rechtsgeldig kan opschorten en/of ontbinden. [eisers in conventie, verweerders in reconventie] wordt gesommeerd binnen 8 dagen de geluidsopname te doen toekomen alsmede een bedrag van € 7.950,00 vermeerderd met rente vanaf 27 maart 2023 en een bedrag van € 772,50 (buitengerechtelijke kosten) te voldoen; daarnaast heeft hij [eisers in conventie, verweerders in reconventie] gesommeerd een bedrag van € 5.687,00 vermeerderd met rente vanaf 28 mei 2023 en met € 659,35 (buitengerechtelijke kosten) te voldoen.
2.18.
Bij brief van 15 december 2023 (productie 15 [eisers in conventie, verweerders in reconventie] ) heeft [eisers in conventie, verweerders in reconventie] op voornoemde brief gereageerd. [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] was geïnformeerd over het inschakelen van een deskundige en wilde dit niet samen doen. Dat de deskundige door [eisers in conventie, verweerders in reconventie] is ingeschakeld, wil niet zeggen dat hij onwaarheden rapporteert. De conclusies zijn helder. [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] verkeert sinds 13 maart jl. in verzuim door zonder deugdelijke toelichting de woning van [eisers in conventie, verweerders in reconventie] te hebben verlaten met de mededeling niet bereid te zijn verdere werkzaamheden uit te voeren. [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] was kennelijk van mening dat alles was afgerond en stuurde de eindfactuur, terwijl er nog geen oplevering heeft plaatsgevonden. Bij
e-mailbericht van 14 maart jl. is [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] aangesproken op het niet uitvoeren van de werkzaamheden, de gebrekkig uitgevoerde werkzaamheden en de onheuse bejegening jegens [eiseres in conventie, verweerster in reconventie sub 2] . Op dat moment was de factuur nog niet opeisbaar, reden waarom [eisers in conventie, verweerders in reconventie] zich terecht beriep op zijn opschortingsrecht. Er is geen sprake van schuldeisersverzuim van [eisers in conventie, verweerders in reconventie] Er is geen bewijs, laat staan causaal verband tussen het vermeend telefoongesprek en het niet meer krijgen van opdrachten door [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] aangetoond. [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] bagatelliseert nog altijd de impact die zijn gedragingen voor [eiseres in conventie, verweerster in reconventie sub 2] teweeg hebben gebracht en maakt zich aldus schuldig aan
victim blaming. Maar in de optiek van [eisers in conventie, verweerders in reconventie] is dat niet de kern van de zaak en wenst hij, en vooral [eiseres in conventie, verweerster in reconventie sub 2] , dit achter zich te laten. [eisers in conventie, verweerders in reconventie] is voornemens een gerechtelijke procedure te starten om € 39.241,64, de buitengerechtelijke kosten, wettelijke rente en proceskosten vergoed te krijgen.
2.19.
Bij e-mailbericht van 31 oktober 2024 (productie 7 [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] ) heeft [naam timmerman] aan [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] – voor zover thans van belang – het volgende bericht:
“(...) Zij belde mij na ongeveer een half jaar dat ik hun gewerkt heb, zij vroeg mij toen of ik iemand wist die badkamers maakte , dus heb ik haar jouw nr gegeven omdat ik weet dat jij perfect werk levert ( bij mij thuis 2 badkamers gemaakt ) vakkundig en prettig in de omgang bent! Zij kwam met de mededeling dat ik jouw nr niet meer moest doorgeven aan andere klanten omdat je slecht werk had geleverd. Dus ik begreep daar helemaal niets van wat ik haar ook gezegd heb en dat ik me dat niet kon voorstellen van jou.
Daarbij begon ze over ‘seksuele intimidatie’ van jouw jegens haar wat ik direct heb afgekapt omdat ik dat niet geloof.
Bottom line ; zoals ik [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] ken is hij een perfectionist qua werk en zeker niet iemand die slecht werk levert! (...)”

3.Het geschil

in conventie
3.1.
[eisers in conventie, verweerders in reconventie] vordert bij vonnis, voor zoveel mogelijk uitvoerbaar bij voorraad:
1. [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] te veroordelen om binnen twee weken na het door de rechtbank te wijzen vonnis een bedrag van € 39.241,64 aan vervangende schadevergoeding aan [eisers in conventie, verweerders in reconventie] te betalen en - voor het geval voldoening niet binnen de gestelde termijn plaatsvindt - zulks te vermeerderen met de wettelijke rente te rekenen vanaf de dag van verzuim tot
aan de dag der algehele voldoening;
2. [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] te veroordelen om binnen twee weken na het door de rechtbank te wijzen vonnis de kosten ter vaststelling van de schade en aansprakelijkheid ten bedrage van € 3.280,92 aan [eisers in conventie, verweerders in reconventie] te betalen en - voor het geval voldoening niet binnen de gestelde termijn plaatsvindt - zulks te vermeerderen met de wettelijke rente te rekenen vanaf de dag van verzuim tot aan de dag der algehele voldoening;
3. [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] te veroordelen om binnen twee weken na het door de rechtbank te wijzen vonnis de buitengerechtelijke kosten ten bedrage van € 1.200,23 aan [eisers in conventie, verweerders in reconventie] te betalen en - voor het geval voldoening niet binnen de gestelde termijn plaatsvindt - zulks te vermeerderen met de wettelijke rente te rekenen vanaf de dag van verzuim tot aan de dag der algehele voldoening;
4. [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] te veroordelen in de kosten van de procedure, te vermeerderen met de nakosten, een en ander te voldoen binnen veertien dagen na dagtekening van het vonnis, en - voor het geval voldoening niet binnen de gestelde termijn plaatsvindt - te vermeerderen met de wettelijke rente over de (na)kosten te rekenen vanaf bedoelde termijn voor voldoening.
3.2.
[gedaagde in conventie, eiser in reconventie] voert verweer.
3.3.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.
in reconventie
3.4.
[gedaagde in conventie, eiser in reconventie] vordert bij vonnis, voor zoveel mogelijk uitvoerbaar bij voorraad:
I. [eisers in conventie, verweerders in reconventie] hoofdelijk, althans ieder voor een gelijk deel, te veroordelen om binnen twee dagen na het in dezen te wijzen vonnis, aan [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] te voldoen een bedrag van € 7.950,-- inclusief btw, althans van € 6.900,-- inclusief btw, te vermeerderen met de wettelijke rente ex artikel 6:119 BW vanaf 27 maart 2023 tot aan de dag der algehele voldoening;
II.
primair: te verklaren voor recht dat [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] de overeenkomst tussen partijen op
13 maart 2023 rechtsgeldig heeft ontbonden;
subsidiair: te bepalen dat [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] ex artikel 6:60 BW is bevrijd van zijn verbintenissen;
III. [eisers in conventie, verweerders in reconventie] hoofdelijk, althans ieder voor een gelijk deel, te veroordelen om binnen twee dagen na het in dezen te wijzen vonnis, aan [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] te voldoen een bedrag van € 5.687,-- inclusief btw, althans van € 4.700,-- inclusief btw, te vermeerderen met de wettelijke rente ex artikel 6:119 BW vanaf 28 mei 2023 tot aan de dag der algehele voldoening;
IV. te verklaren voor recht dat [eiseres in conventie, verweerster in reconventie sub 2] onrechtmatig heeft gehandeld jegens [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] en
[eiseres in conventie, verweerster in reconventie sub 2] te veroordelen tot betaling aan [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] van een immateriële schadevergoeding ten bedrage van € 5.000,--, althans enig ander door de rechtbank in goede justitie te bepalen bedrag, te vermeerderen met de wettelijke rente ex artikel 6:119 BW vanaf 17 maart 2023 tot aan de dag der algehele voldoening en voorts ook [eiseres in conventie, verweerster in reconventie sub 2] te veroordelen tot betaling aan [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] van een materiële schadevergoeding, op te maken bij staat en te vereffenen volgens de wet en voorts ook [eiseres in conventie, verweerster in reconventie sub 2] te veroordelen om aan alle personen jegens wie zij zich onrechtmatig over [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] heeft uitgelaten, waaronder in elk geval de heer [naam timmerman] , een rectificatie te sturen met het bericht: “
Eerder heb ik u bericht dat [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] mij sexueel geïntimideerd zou hebben. Dat neem ik hierbij terug.”, zulks op verbeurte van een dwangsom van € 500,-- per dag of dagdeel dat [eiseres in conventie, verweerster in reconventie sub 2] in gebreke blijft aan de veroordeling te voldoen, zulks tot een maximum van € 50.000,--
V. een en ander met veroordeling van [eisers in conventie, verweerders in reconventie] in de proceskosten in de reconventionele procedure, vermeerderd met de wettelijke rente ex artikel 6:119 BW vanaf vijftien dagen na dagtekening van dit vonnis tot aan de dag der algehele voldoening en voorts met veroordeling van [eisers in conventie, verweerders in reconventie] in de na dit vonnis ontstane kosten, begroot op € 131,-- aan salaris advocaat, te vermeerderen, onder de voorwaarde dat [eisers in conventie, verweerders in reconventie] niet binnen veertien dagen na aanschrijving aan het vonnis hebben voldaan en er vervolgens betekening van de uitspraak heeft plaatsgevonden, met een bedrag van € 68,00 aan salaris advocaat en de explootkosten van betekening van de uitspraak, vermeerderd met de wettelijke rente ex artikel 6:119 BW vanaf vijftien dagen na dagtekening van dit vonnis tot aan de dag der algehele voldoening.
3.5.
[eisers in conventie, verweerders in reconventie] voert verweer.
3.6.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.

4.De beoordeling

in conventie en in reconventie
4.1.
Vanwege de samenhang tussen de vorderingen in conventie en in reconventie zal de rechtbank deze gezamenlijk en in onderling verband beoordelen.
Met betrekking tot de al dan niet (correct) verrichte werkzaamheden
4.2.
De rechtbank stelt voorop dat de twee offertes van [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] , die door [eisers in conventie, verweerders in reconventie] zijn aanvaard, leidend zijn. Gesteld noch gebleken is dat, zoals [eisers in conventie, verweerders in reconventie] ter zitting verklaarde, het Excel-bestand eveneens deel uitmaakt van de twee overeenkomsten, zodat de rechtbank
daaraan voorbijgaat.
4.3.
Vaststaat dat [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] op 13 maart 2023 niet is begonnen aan de werkzaamheden van de wc.
4.4.
Volgens [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] verkeert [eisers in conventie, verweerders in reconventie] in schuldeisersverzuim, omdat hij weigerde hem tot de zolder en badkamer toe te laten om te kunnen werken. De rechtbank volgt [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] hierin niet. Het was immers [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] die op 13 maart 2023 ter plekke is weggelopen, terwijl hij op dat moment (in plaats van aan de zolder en badkamer) aan de werkzaamheden in de wc had kunnen beginnen. Dat - zoals [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] heeft aangevoerd - de houding van [eisers in conventie, verweerders in reconventie] op dat moment voor hem de spreekwoordelijke druppel was, doet hieraan niet af. Er zijn immers twee overeenkomsten die moeten worden nagekomen, hetgeen niet mogelijk is op het moment dat [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] zelf van de te verrichten werkzaamheden wegloopt.
4.5.
Anders dan [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] heeft aangevoerd, is de rechtbank van oordeel dat de zolder, de badkamer boven en de wc niet zijn opgeleverd: vaststaat immers dat er nog een lijst met punten zou worden opgesteld door [eisers in conventie, verweerders in reconventie] die [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] zou moeten oplossen. Op
14 maart 2023 heeft [eisers in conventie, verweerders in reconventie] een e-mailbericht (productie 6 [eisers in conventie, verweerders in reconventie] ) naar [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] gestuurd waarin hij reageert op de door [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] gestuurde eindfactuur en laat weten dat er nog geen enkele oplevering heeft plaatsgevonden, omdat er nog openstaande werkzaamheden waren die hij in een lijst zou opsommen. Uit het enkele feit dat [eisers in conventie, verweerders in reconventie] deze lijst niet op 13 maart 2023 (maar pas bij brief van 29 maart 2023) heeft gepresenteerd, kan niet - zoals [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] doet - worden afgeleid dat er geen punten meer zijn en dat er zou zijn opgeleverd op 13 maart 2023.
4.6.
Nu vaststaat dat nog niet was opgeleverd, heeft [eisers in conventie, verweerders in reconventie] zich terecht beroepen op opschorting van betaling van de factuur. Hierop heeft [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] niet meer gereageerd. Vervolgens heeft [eisers in conventie, verweerders in reconventie] bij brief van 29 maart 2023 58 klachten geformuleerd en zich (nogmaals) beroepen op opschorting van betaling van de factuur. Verder heeft [eisers in conventie, verweerders in reconventie] [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] in gebreke gesteld voor de tekortkoming in de nakoming van de overeenkomsten en heeft hij [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] aansprakelijk gesteld voor de geleden en nog te lijden schade. Ten slotte is [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] verzocht en gesommeerd om binnen 4 weken de werkzaamheden af te ronden en de gebreken te herstellen. Mocht [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] dat niet (tijdig) doen, zo werd hem in de voornoemde brief meegedeeld, dan komt hij in verzuim te verkeren en zal [eisers in conventie, verweerders in reconventie] een gerechtelijke procedure opstarten. Ook liet [eisers in conventie, verweerders in reconventie] [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] in die brief weten dat vanaf het moment dat [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] in verzuim verkeert, [eisers in conventie, verweerders in reconventie] zijn vordering tot nakoming omzet in een vordering tot (vervangende) schadevergoeding in de zin van art. 6:87 BW (zie dienaangaande rov. 2.8. en 2.11). Gelet op het voorgaande heeft [eisers in conventie, verweerders in reconventie] zich terecht beroepen op opschorting van betaling van de door [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] gestuurde eindfactuur.
4.7.
Nu [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] niet binnen de door [eisers in conventie, verweerders in reconventie] gestelde termijn de werkzaamheden heeft afgerond en de gebreken heeft hersteld, verkeert [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] vanaf 27 april 2023 in verzuim. Vanaf dat moment zijn de oorspronkelijke verbintenissen uit de twee overeenkomsten omgezet in een verbintenis tot vervangende schadevergoeding ex art. 6:87 BW, zijn de oorspronkelijke verbintenissen teniet gegaan en is het verzuim dienaangaande geëindigd.
4.8.
Bij brief van 16 oktober 2023 (zie rov. 2.16.) heeft [eisers in conventie, verweerders in reconventie] aan [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] laten
weten dat hij het door [naam bv] begrote schadebedrag diende te vergoeden, hetgeen
[gedaagde in conventie, eiser in reconventie] niet binnen twee weken heeft gedaan. [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] verkeert dan ook vanaf 31 oktober 2023 in verzuim wat betreft de verbintenis tot betaling van vervangende schadevergoeding.
4.9.
Aangezien de vervangende schadevergoeding de oorspronkelijke prestatie vervangt, geldt dat haar omvang in beginsel gelijk is aan de waarde van die prestatie. Om deze waarde te bepalen, moet aan de hand van de bepalingen van afdeling 6.1.10 BW (zijnde artikelen 6:95 - 6:110 BW ter zake de wettelijke verplichtingen tot schadevergoeding) een vergelijking worden gemaakt tussen a) de vermogenspositie van de schuldeiser (i.c. [eisers in conventie, verweerders in reconventie] ) ten tijde van de niet-nakoming en b) de vermogenspositie van de schuldeiser in de hypothetische situatie dat de schuldenaar (i.c. [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] ) wél behoorlijk zou zijn nagekomen. Daarbij is niet van belang in hoeverre de schuldeiser onder de streep benadeeld is in zijn vermogen: de ratio achter het leerstuk van de vervangende schadevergoeding is dat de schuldeiser hierdoor de gebrekkige prestatie alsnog door een ander kan laten verrichten.
4.10.
Nu is komen vast te staan dat [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] wegens niet (tijdig en/of correct) nakomen van de twee overeenkomsten schadeplichtig is jegens [eisers in conventie, verweerders in reconventie] , dienen de reconventionele vorderingen sub I en II van [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] bij eindvonnis te worden afgewezen. Dat - zoals [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] heeft gesteld – “de overeenkomst” partieel is ontbonden is niet goed te volgen, nu niet is gebleken van een toerekenbare tekortkoming aan de kant van [eisers in conventie, verweerders in reconventie] in de zin van
art. 6:265 lid 1 BW, nog daargelaten dat uit de houding van [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] op 13 maart 2023 noch uit zijn e-mailbericht van die datum is af te leiden dat hij de overeenkomst met betrekking tot de wc op dat moment partieel heeft ontbonden. De rechtbank gaat hieraan verder voorbij.
4.11.
De rechtbank komt vervolgens toe aan het vaststellen van de omvang van de vervangende schade die [eisers in conventie, verweerders in reconventie] heeft geleden en lijdt. De rechtbank overweegt om een onderzoek door een deskundige in te laten stellen. Voordat daartoe wordt overgegaan, zal de rechtbank partijen in de gelegenheid stellen zich uit te laten over:
- de wenselijkheid van een deskundigenbericht;
- de maximale hoogte van het voorschot van de te benoemen deskundige(n);
- het aantal en het specialisme van de te benoemen deskundige;
- de aan de deskundige voor te leggen vragen.
4.12.
De rechtbank is voorlopig van oordeel dat kan worden volstaan met de benoeming van één deskundige op het gebied van aanneming van werk en dat de volgende vragen moeten worden gesteld:
welke gebreken constateert u in de werkzaamheden zoals geoffreerd door [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] en aanvaard door [eisers in conventie, verweerders in reconventie] op respectievelijk 17 september 2022 en 19 september 2022 (productie 2 [eisers in conventie, verweerders in reconventie] )?
op welke wijze kunnen de door u geconstateerde gebreken worden hersteld?
kunt u de herstelkosten van de door u geconstateerde gebreken begroten?
welke werkzaamheden zijn in het geheel niet uitgevoerd en hadden volgens de offertes wel moeten worden uitgevoerd? Kunt u de kosten van deze werkzaamheden begroten?
zijn er nog andere punten die u naar voren wilt brengen waarvan de rechter volgens u kennis moet nemen bij de verdere beoordeling?
4.13.
De rechtbank ziet geen aanleiding om af te wijken van het uitgangspunt in de wet dat het voorschot op de kosten van de deskundige door de eisende partij moet worden betaald. Dit voorschot moet daarom door [eisers in conventie, verweerders in reconventie] worden betaald.
4.14.
In het eindvonnis zal de rechtbank beslissen wie van partijen uiteindelijk de kosten van de deskundige moet betalen.
4.15.
De rechtbank gaat ervan uit dat partijen in onderling overleg overeenstemming
bereiken over de persoon die als deskundige gaat optreden. Voor zover partijen daarover geen overeenstemming kunnen bereiken en om die reden iedere partij een deskundige voorstelt, moeten partijen gemotiveerd aangeven waarom zij de voorkeur geven aan de door henzelf voorgestelde deskundige en waarom de door de wederpartij voorgestelde deskundige niet voor benoeming in aanmerking mag komen. Daarbij valt te denken aan zwaarwegende redenen als gebrek aan deskundigheid of gerechtvaardigde twijfels met betrekking tot de onpartijdigheid van de deskundige. Die zwaarwegende redenen moeten worden onderbouwd. De rechtbank zal dan, na weging van de onderbouwing vóór en tegen de benoeming van een potentiële deskundige, een door partijen aangedragen deskundige of een eigen deskundige benoemen.
4.16.
De rechtbank zal de zaak naar de rol verwijzen, zodat partijen zich hierover bij akte kunnen uitlaten. Partijen moeten de conceptakte uiterlijk een week vóór de roldatum naar elkaar toesturen, zodat zij in hun definitieve akte op de akte van de wederpartij kunnen reageren.
Extra werkzaamheden
4.17.
[gedaagde in conventie, eiser in reconventie] heeft - kort gezegd - gesteld op verzoek van [eisers in conventie, verweerders in reconventie] extra werkzaamheden te hebben verricht. In totaal gaat het volgens hem om 94 uur (bijlage bij zijn brief van 12 mei 2023, productie 9 [eisers in conventie, verweerders in reconventie] ). Als redelijk loon hanteert [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] een uurtarief van € 50,00, te vermeerderen met btw. Aldus vordert hij van [eisers in conventie, verweerders in reconventie] een bedrag van (94 x 50 x 1,21 = ) € 5.687 incl. btw.
4.18.
[eisers in conventie, verweerders in reconventie] betwist dat de werkzaamheden zoals [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] in zijn lijst van 12 mei 2023 heeft opgesomd, tussen partijen zijn overeengekomen én dat deze daadwerkelijk door [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] zijn uitgevoerd, met uitzondering van werkzaamheden die [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] eind november / begin december 2023 extra heeft uitgevoerd, waarvoor [eisers in conventie, verweerders in reconventie] € 1.500,00 contant heeft betaald. De lijst en de daaraan gekoppelde vordering van € 5.687,00 komt volgens [eisers in conventie, verweerders in reconventie] volledig uit de lucht vallen. [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] heeft hierover nimmer eerder dan in het
e-mailbericht van 13 maart 2023 gerept. Los daarvan is in de lijst van [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] ook een aantal werkzaamheden opgenomen die verband houden met het overeengekomen werk en dus als meerwerk moeten worden beschouwd (zie productie 14). Volgens [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] maken deze werkzaamheden deel uit van de tussen partijen gesloten overeenkomsten. [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] heeft niet aangetoond de vermeende extra werkzaamheden daadwerkelijk te hebben uitgevoerd, hetgeen [eisers in conventie, verweerders in reconventie] betwist. Evenmin heeft [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] onderbouwd dat hij [eisers in conventie, verweerders in reconventie] op de noodzaak van eventueel daaruit voortvloeiende prijsverhogingen heeft gewezen. Dit is niet het geval bij het aanleggen van een extra groep en internet op zolder (10 uur) en het naar zolder brengen van een sauna (1 uur), zodat [eisers in conventie, verweerders in reconventie] in elk geval geen bedrag van (11 x
€ 50,00 x 1,21 =) € 665,50 verschuldigd is. Los daarvan is 94 uur buitensporig en ongeloofwaardig, te meer nu [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] [eisers in conventie, verweerders in reconventie] op geen enkele wijze heeft geïnformeerd over deze werkzaamheden dan wel deze werkzaamheden al heeft gefactureerd. [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] kan zich beweerdelijk niet herinneren contant betaald te hebben gekregen, maar hij kan zich wel herinneren 94 uur aan extra werkzaamheden te hebben gewerkt. Zo is bijvoorbeeld ongeloofwaardig dat er 16 uur nodig zijn om radiatoren in het woongedeelte te demonteren en te monteren. [eisers in conventie, verweerders in reconventie] betwist 15 uur te hebben overlegd, hetgeen [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] ook niet aantoont. Los daarvan kan overleg sowieso niet in rekening worden gebracht, nu dat inherent is aan het verstrekken dan wel aannemen van opdrachten en voor rekening en risico van de aannemer komt, aldus [eisers in conventie, verweerders in reconventie]
4.19.
Voor de beoordeling van dit punt neemt de rechtbank als uitgangspunt hetgeen in art. 7:755 BW is neergelegd en dat als volgt luidt:
“In geval van door de opdrachtgever gewenste toevoegingen of veranderingen in het overeengekomen werk kan
de aannemer slechts dan een verhoging van de prijs vorderen, wanneer hij de opdrachtgever tijdig heeft gewezen op de noodzaak van een daaruit voortvloeiende prijsverhoging, tenzij de opdrachtgever die noodzaak uit zichzelf had moeten begrijpen. Van deze bepaling kan niet ten nadele van de opdrachtgever worden afgeweken, behoudens bij een standaardregeling als bedoeld in artikel 214 van Boek 6.”
Hoewel dit artikel ziet op meerwerk, geldt in beginsel hetzelfde voor (extra) werkzaamheden die niet zijn gekoppeld aan het hoofdwerk. Het betreft dan steeds kleine(re) losse opdrachten die uitmonden in afzonderlijke overeenkomsten.
4.20.
Naar het oordeel van de rechtbank is niet gebleken dat [eisers in conventie, verweerders in reconventie] telkens opdracht heeft gegeven tot het verrichten van de door [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] gestelde andere / extra werkzaamheden, laat staan dat is gebleken dat [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] [eisers in conventie, verweerders in reconventie] tijdig heeft gewezen op de noodzaak van een daaruit voortvloeiende prijsverhoging en/of dat [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] heeft gesteld dat [eisers in conventie, verweerders in reconventie] die noodzaak uit zichzelf had moeten begrijpen. [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] heeft geen aanknopingspunten aangedragen waaruit dit zou (kunnen) blijken en laat het bij blote stellingen dienaangaande. Deze extra werkzaamheden zijn ook niet eerder dan bij de eis in reconventie opgeëist door [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] , ook niet toen hij de beweerdelijke eindfactuur aan [eisers in conventie, verweerders in reconventie] stuurde. Gelet hierop zal dit deel van het door [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] sub III gevorderde bij eindvonnis worden afgewezen.
Materiële schadevergoeding op te maken bij staat
4.21.
[gedaagde in conventie, eiser in reconventie] heeft - kort gezegd - gesteld dat sinds het moment dat [eiseres in conventie, verweerster in reconventie sub 2] op 17 maart 2023 met [naam timmerman] belde, hij geen nieuw werk via [naam timmerman] meer heeft gekregen:
“Hoewel de heer [naam timmerman] de aantijgingen van [eiseres in conventie, verweerster in reconventie sub 2] niet gelooft, omdat hij [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] al een behoorlijke tijd en goed kent, is het goed voorstelbaar dat [naam timmerman] in toekomstige gevallen [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] niet meer aanbeveelt, hetgeen te meer geldt indien de potentiële nieuwe klant een dame alleen is. Zodoende loopt [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] omzet en winst mis, hetgeen direct te relateren is aan de onrechtmatige uitlatingen van mevrouw [eiseres in conventie, verweerster in reconventie sub 2] jegens [naam timmerman] . De exacte schade is pas te begroten, indien bekend is welke klus [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] zodoende heeft misgelopen, hetgeen aan de orde kan komen in de schadestaatprocedure.” (conclusie van antwoord sub 63).
4.22.
[eisers in conventie, verweerders in reconventie] heeft aangevoerd dat [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] op geen enkele manier de vermeende materiële schade heeft onderbouwd, laat staan dat het causaal verband tussen de schade en de vermeende onrechtmatige gedraging wordt aangetoond. Uit niets blijkt dat, aldus [eisers in conventie, verweerders in reconventie] , [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] klanten dan wel klussen is misgelopen. Er zijn geen financiële stukken waaruit blijkt dat hij omzet en winst mist. Een en ander volgt ook niet uit de verklaring van [naam timmerman] van 31 oktober 2024. Gelet daarop is het ongeloofwaardig dat [naam timmerman] sinds 10 maart 2023 geen klussen meer doorstuurt aan [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] . Deze schade is normaal gesproken redelijk eenvoudig te berekenen, mede gelet op het tijdsbestek, maar [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] onderbouwt en / of overlegt helemaal niets, aldus [eisers in conventie, verweerders in reconventie]
4.23.
De rechtbank overweegt als volgt. Indien al sprake zou zijn geweest van onrechtmatig handelen van [eiseres in conventie, verweerster in reconventie sub 2] jegens [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] , waarbij de rechtbank dus in het midden laat of dit al dan niet daadwerkelijk het geval is, faalt dit deel van het door [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] gevorderde wegens het ontbreken van een causaal verband. Ook indien al sprake zou zijn geweest van minder / geen opdrachten – ook voor deze tweede veronderstelling zijn geen aanknopingspunten – is immers op geen enkele manier door [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] aannemelijk gemaakt dat het beweerde onrechtmatige handelen van [eiseres in conventie, verweerster in reconventie sub 2] tot gevolg had dat hij zogezegd minder / geen opdrachten via [naam timmerman] kreeg. [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] heeft dienaangaande enkel gesuggereerd dat het ‘goed voorstelbaar’ is dat [naam timmerman] hem niet meer aanbeveelt, hetgeen echter volstrekt onvoldoende is om anders te oordelen. Dit deel van het door [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] gevorderde zal dan ook bij eindvonnis worden afgewezen.
Immateriële schadevergoeding en rectificatie
4.24.
[gedaagde in conventie, eiser in reconventie] heeft gesteld dat hij “erg [is] aangedaan door deze gehele gang van zaken” ter zake de betichting van seksuele intimidatie. Hij heeft de immateriële schade op € 5.000,00 gesteld. Voorts eist hij een rectificatie van [eiseres in conventie, verweerster in reconventie sub 2] van haar uitlatingen met betrekking tot de seksuele intimidatie jegens (in elk geval) [naam timmerman] .
4.25.
[eisers in conventie, verweerders in reconventie] weerspreekt niet [naam timmerman] te hebben benaderd, maar ontkent te hebben gezegd dat [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] zich schuldig heeft gemaakt aan seksuele intimidatie. In het
e-mailbericht van 14 maart 2023 staat “aanstootgevend gedrag”. In de brief van 29 maart 2023 wordt hierover niet meer gerept, omdat [eisers in conventie, verweerders in reconventie] dit punt wenste te laten rusten. [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] heeft daar zelf seksuele intimidatie van gemaakt (zie zijn brief van 12 mei 2023). Onheuse bejegening is iets heel anders dan seksuele intimidatie. De beleving van de gedragingen is bovendien subjectief: [eiseres in conventie, verweerster in reconventie sub 2] voelde zich niet prettig bij de gedragingen van [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] . Het is niet aan [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] om dat te ontkennen of in twijfel te trekken. Waarschijnlijk heeft [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] de woorden “seksuele intimidatie” in de mond van [naam timmerman] gelegd, waarmee de verklaring van [naam timmerman] ongeloofwaardig is en aan de inhoud ervan geen bewijskracht toekomt. [eiseres in conventie, verweerster in reconventie sub 2] heeft zich niet onrechtmatig uitgelaten en zij heeft niet gelogen:
“Zij heeft enkel haar gevoel geuit en bovendien is wél sprake van slecht geleverd werk. (...) Van andere publicaties dan wel mededelingen aan derden door mevrouw [eiser in conventie, verweerder in reconventie sub 1] in dit verband is niet gebleken. [eisers in conventie, verweerders in reconventie] ontkennen en betwisten dit met klem.” (sub 4.20).
Bovendien wordt de vermeende immateriële schade niet onderbouwd door [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] , reden waarom (ook) dit moet worden afgewezen, aldus [eisers in conventie, verweerders in reconventie]
4.26.
De rechtbank stelt voorop dat ex art. 6:106 sub a en b BW de benadeelde recht heeft op een naar billijkheid vast te stellen schadevergoeding:
indien de aansprakelijke persoon het oogmerk had zodanig nadeel toe te brengen;
indien de benadeelde lichamelijk letsel heeft opgelopen, in zijn eer of goede naam is geschaad of op andere wijze in zijn persoon is aangetast.
4.27.
Er wederom veronderstellenderwijs van uitgaand dat [eiseres in conventie, verweerster in reconventie sub 2] onrechtmatig jegens [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] heeft gehandeld, waarbij de rechtbank dus nadrukkelijk in het midden laat of dit al dan niet daadwerkelijk het geval is, faalt dit deel van het door [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] gevorderde wegens het ontbreken van causaal verband, het ontbreken van toerekenbaarheid en het niet voldoen aan de relativiteitseis van art. 6:163 BW.
4.27.1.
Uit niets is gebleken dat [eiseres in conventie, verweerster in reconventie sub 2] het oogmerk had om [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] nadeel toe te brengen dat [eiseres in conventie, verweerster in reconventie sub 2] , zodat de vordering voor zover gegrond op art. 6:106 sub a om die reden faalt.
4.27.2.
Dat, zoals [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] heeft gesteld, hij “ontdaan” is, is in zijn algemeenheid onvoldoende om te concluderen dat hij daarmee in zijn eer en goede naam is aangetast. Daarbij komt dat uit het e-mailbericht van [naam timmerman] evenmin blijkt van een aantasting van de goede naam en eer van [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] , nu [naam timmerman] er juist melding van maakt dat hij zich niet kan voorstellen dat [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] slecht werk had geleverd en dat hij [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] kent als perfectionist en zeker niet iemand die slecht werk levert (zie rov. 2.19). Gelet hierop faalt – als onvoldoende gesteld – eveneens het beroep van [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] op art. 6:106 sub b BW.
4.28.
Uit het voorgaande volgt dat dit deel van het door [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] gevorderde bij eindvonnis
zal worden afgewezen. De door [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] gevorderde rectificatie volgt hetzelfde lot om
dezelfde reden.
Overig
4.29.
De rechtbank houdt iedere verdere beslissing aan.

5.De beslissing

De rechtbank
in conventie en in reconventie
5.1.
bepaalt dat de zaak weer op de rol zal komen van
12 november 2025om beide partijen in de gelegenheid te stellen een akte in te dienen waarin zij zich uitlaten over het aangekondigde deskundigenbericht (rov. 4.11-4.16),
5.2.
bepaalt dat partijen elkaar uiterlijk een week vóór de genoemde roldatum de conceptakte moeten toesturen, zodat zij ieder in hun eigen akte nog kunnen reageren op de standpunten van de wederpartij,
5.3.
houdt iedere verdere beslissing aan.
Dit vonnis is gewezen door mr. T.A.J.M. Provaas en in het openbaar uitgesproken op
15 oktober 2025.
JC