ECLI:NL:RBLIM:2025:13040
Rechtbank Limburg
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Veroordeling tot medewerking aan levering woning aan ex-echtgenote conform echtscheidingsconvenant
In deze kortgedingprocedure vordert de vrouw dat de man wordt veroordeeld tot onvoorwaardelijke medewerking aan de levering van zijn onverdeeld aandeel in de woning aan haar, conform het echtscheidingsconvenant uit 2014. De levering was tot op heden verhinderd door conservatoire en later executoriale beslagen, voortvloeiend uit een eerdere uitspraak van het gerechtshof Den Bosch.
De vrouw heeft haar vordering onderbouwd met producties en aanvullende stukken, terwijl de man verweer heeft gevoerd. Tijdens de mondelinge behandeling op 16 december 2025 heeft de voorzieningenrechter de zaak inhoudelijk behandeld en direct na de zitting het vonnis aangekondigd.
De voorzieningenrechter oordeelt dat er sprake is van een spoedeisend belang en dat de man onvoldoende medewerking verleent. Daarom wordt hij veroordeeld om binnen twee weken na betekening van het vonnis zijn onvoorwaardelijke medewerking te verlenen aan de levering van zijn aandeel in de woning aan de vrouw, ten overstaan van een notaris. Indien de man weigert, treedt het vonnis in de plaats van zijn wilsverklaring en handtekening in de notariële akte. Tevens wordt hij veroordeeld in de proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: De man is veroordeeld tot onvoorwaardelijke medewerking aan de levering van zijn onverdeeld aandeel in de woning aan de vrouw, met vervangende toestemming bij niet-medewerking.