ECLI:NL:RBLIM:2025:13196

Rechtbank Limburg

Datum uitspraak
3 december 2025
Publicatiedatum
13 februari 2026
Zaaknummer
C/03/345626 / HA ZA 25-415
Instantie
Rechtbank Limburg
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Toestemming voor oproeping onderaannemer in vrijwaring bij geschil over keermuurkwaliteit

In deze civiele bodemzaak dagvaarden kopers van woningen de aannemer vanwege gebreken aan een keermuur die onderdeel is van het bouwproject. De kopers stellen dat de aannemer tekort is geschoten in de nakoming van de aannemingsovereenkomst, met name door een verzakkende keermuur en andere bouwgebreken.

De aannemer stelt dat de keermuur is gebouwd door een onderaannemer en verzoekt de rechtbank om toestemming om deze onderaannemer in vrijwaring op te roepen. De rechtbank overweegt dat het niet is uitgesloten dat de aannemer regres kan nemen op de onderaannemer en wijst het verzoek toe.

De rechtbank bepaalt dat de kosten van het incident tussen partijen worden gecompenseerd, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt. De zaak wordt aangehouden tot de mondelinge behandeling gepland in de periode maart tot en met juni 2026.

Uitkomst: De rechtbank verleent toestemming aan de aannemer om de onderaannemer in vrijwaring op te roepen wegens gebreken aan de keermuur.

Uitspraak

RECHTBANK Limburg

Civiel recht
Zittingsplaats Maastricht
Zaaknummer: C/03/345626 / HA ZA 25-415
Vonnis in incident (bij vervroeging) van 3 december 2025
in de zaak van

1.[eiseres in de hoofdzaak, verweerster in het incident sub 1] ,

2.
[eiser in de hoofdzaak, verweerder in het incident sub 2],
beiden wonend te [woonplaats] ,
3.
[eiseres in de hoofdzaak, verweerster in het incident sub 3],
4.
[eiser in de hoofdzaak, verweerder in het incident sub 4],
beiden wonend te [woonplaats] ,
5.
[eiseres in de hoofdzaak, verweerster in het incident sub 5],
6.
[eiser in de hoofdzaak, verweerder in het incident sub 6],
beiden wonend te [woonplaats] ,
eisende partij in de hoofdzaak,
verwerende partij in het incident,
hierna samen te noemen: [eisers in de hoofdzaak, veweerders in het incident] ,
advocaat: mr. M.M.H.J. Rompelberg,
tegen
[gedaagde in de hoofdzaak, eiseres in het incident],
te [vestigingsplaats] ,
gedaagde partij in de hoofdzaak,
eisende partij in het incident,
hierna te noemen: [gedaagde in de hoofdzaak, eiseres in het incident] ,
advocaat: mr. B.A.L.H. Robijns.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding met producties 1 t/m 37,
- de conclusie van antwoord tevens incidentele oproeping in vrijwaring met
producties 1 en 2,
- de incidentele conclusie van antwoord.
1.2.
Ten slotte is vonnis bepaald in het incident.

2.Het geschil

in de hoofdzaak
2.1.
[eisers in de hoofdzaak, veweerders in het incident] hebben woningen gekocht die door [gedaagde in de hoofdzaak, eiseres in het incident] in het kader van een bouwproject zijn gebouwd. Zij stellen dat [gedaagde in de hoofdzaak, eiseres in het incident] geen deugdelijk werk geleverd heeft. De mandelige keermuur verzakt. Daarnaast ziet het geschil op gestelde bouwgebreken aan de woning van enkel eisers sub 1. [eisers in de hoofdzaak, veweerders in het incident] vorderen (samengevat) primair een verklaring voor recht dat [gedaagde in de hoofdzaak, eiseres in het incident] toerekenbaar tekort is geschoten in de nakoming van de met [eisers in de hoofdzaak, veweerders in het incident] gesloten aannemingsovereenkomsten, vergoeding van herstelkosten en gevolgschade, deskundigenkosten, buitengerechtelijke incassokosten en proceskosten.
in het incident
2.2.
[gedaagde in de hoofdzaak, eiseres in het incident] vordert in het incident dat de rechtbank toestemming aan haar verleent om [naam onderaannemer] (hierna: [naam onderaannemer] ) in vrijwaring op te roepen, omdat [naam onderaannemer] de onderaannemer is die de betreffende keerwand heeft geplaatst. [gedaagde in de hoofdzaak, eiseres in het incident] houdt [naam onderaannemer] aansprakelijk voor de schade die op haar verhaald wordt in de hoofdzaak.
2.3.
[eisers in de hoofdzaak, veweerders in het incident] conformeren zich aan het oordeel van de rechtbank.

3.De beoordeling in het incident

3.1.
Gelet op de door [gedaagde in de hoofdzaak, eiseres in het incident] aangevoerde grond voor de oproeping in vrijwaring van [naam onderaannemer] , valt naar het oordeel van de rechtbank op voorhand niet uit te sluiten dat [gedaagde in de hoofdzaak, eiseres in het incident] geheel of gedeeltelijk regres zal kunnen nemen op [naam onderaannemer] . Dat is voor toewijzing van het verzoek voldoende. De vrijwaring zal leiden tot enige vertraging van het geding, maar die is niet onaanvaardbaar te achten.
3.2.
De rechtbank is van oordeel dat de incidentele vordering moet worden toegewezen, nu de aangevoerde en niet weersproken gronden die vordering kunnen dragen.
3.3.
Naar het oordeel van de rechtbank kan in het incident geen van partijen als de in het ongelijk gestelde partij worden beschouwd. Daarom zullen de proceskosten worden gecompenseerd in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt.

4.De beslissing

De rechtbank
in het incident
4.1.
staat toe dat [naam onderaannemer] door [gedaagde in de hoofdzaak, eiseres in het incident] wordt gedagvaard tegen de terechtzitting van
31 december 2025,
4.2.
compenseert de kosten van het incident tussen partijen, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt,
in de hoofdzaak
4.3.
bepaalt dat de zaak weer op de rol zal komen van
31 december 2025voor opgave verhinderdata aan de zijde van alle partijen voor een mondelinge behandeling in de periode maart 2026 tot en met juni 2026,
4.4.
houdt iedere verdere beslissing aan.
Dit vonnis is gewezen door mr. I.M. Etman en in het openbaar uitgesproken.
AH