In deze civiele bodemzaak staat centraal of tussen eiseressen en gedaagde sub 2 een koopovereenkomst tot stand is gekomen voor de overdracht van aandelen in Nutrition Company. De aandelen waren verdeeld over meerdere aandeelhouders, waaronder eiseressen en gedaagde sub 2. Op 13 december 2022 deed gedaagde sub 1 namens zichzelf of zijn holding een onvoorwaardelijk aanbod tot overname van alle uitstaande aandelen tegen een waarde van 300.000 euro. Dit aanbod werd door de overige aandeelhouders aanvaard.
Gedaagden betwistten dat het aanbod onvoorwaardelijk was en dat het door gedaagde sub 1 persoonlijk was gedaan, en stelden dat de koopovereenkomst niet rechtsgeldig tot stand was gekomen. De rechtbank oordeelde echter dat de mail van 13 december 2022 ondubbelzinnig was en dat gedaagde sub 1 of zijn holding het aanbod namens gedaagde sub 2 deed. De latere correspondentie en het ontbreken van tegenbewijs bevestigden dit.
De rechtbank verklaarde voor recht dat de koopovereenkomst is gesloten tussen eiseressen en gedaagde sub 2, en veroordeelde gedaagde sub 2 tot afname van de aandelen tegen betaling van de koopsom van €233.625,00, vermeerderd met wettelijke rente en buitengerechtelijke kosten. Tevens werden proceskosten aan gedaagden opgelegd. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.