De huurder [gedaagde sub 2] huurt sinds 15 maart 2023 een woning van Maasvallei. Vanaf augustus 2023 zijn er diverse klachten over geluidsoverlast, druggerelateerde overlast en onveilige situaties veroorzaakt door de huurder en bezoekers. Ondanks waarschuwingen en begeleiding door Zorgeloos Maatwerk bleef de overlast voortduren. De goederen van de huurder zijn sinds februari 2024 onder bewind gesteld, met [gedaagde sub 1] als bewindvoerder.
Maasvallei vordert ontruiming van de woning en betaling van een huurachterstand van €1.260,66 van de bewindvoerder, en voorwaardelijk dezelfde verplichtingen van de huurder indien het bewind eindigt. De kantonrechter verklaart Maasvallei ontvankelijk in haar vordering jegens de huurder voor het geval het bewind eindigt, ondanks dat de Hoge Raad heeft bepaald dat de bewindvoerder in rechte betrokken moet zijn.
De rechtbank oordeelt dat de overlast ernstig is en dat Maasvallei in een bodemprocedure waarschijnlijk zal worden toegewezen. De huurder heeft onvoldoende gedaan om overlast te voorkomen en blijft personen zonder vaste woon- of verblijfplaats toelaten. Daarom worden de gevorderde ontruiming en betaling van de huurachterstand toegewezen, met veroordeling van de bewindvoerder en voorwaardelijk van de huurder. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.