ECLI:NL:RBLIM:2025:2403

Rechtbank Limburg

Datum uitspraak
14 maart 2025
Publicatiedatum
14 maart 2025
Zaaknummer
NL:TZ:0000256897:B001
Instantie
Rechtbank Limburg
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 1:391 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Wijziging grondslag bewind wegens lichamelijke of geestelijke toestand toegewezen

De kantonrechter van de Rechtbank Limburg heeft op 14 maart 2025 een beschikking gegeven inzake een verzoek tot wijziging van de grondslag van een onderbewindstelling. De oorspronkelijke bewindstelling was ingesteld wegens verkwisting of problematische schulden. Verzoeker stelde dat deze situatie niet langer van toepassing was, maar dat bewind voortgezet moest worden vanwege de lichamelijke of geestelijke toestand van betrokkene.

Uit de stukken en de mondelinge behandeling bleek dat betrokkene tijdelijk of duurzaam niet in staat is haar vermogensrechtelijke belangen volledig zelfstandig te beheren. Dit wordt mede ondersteund door omstandigheden zoals het beëindigen van de WSNP van de partner, het opstarten van een nieuw schuldentraject, het niet verlengen van de arbeidsovereenkomst van betrokkene en de beperkte beheersing van de Nederlandse taal door betrokkene en haar partner.

De kantonrechter overweegt dat de wetgever niet alleen objectieve ongeschiktheid tot beheer als grond voor bewind erkent, maar ook het verzoek van betrokkene zelf, mits dit uit vrije wil en goed geïnformeerd gebeurt. Gezien deze overwegingen is het verzoek tot wijziging van de grondslag van het bewind toegewezen, met behoud van de oorspronkelijke einddatum 1 december 2027. Tevens wordt het bewind uitgeschreven uit het Centraal curatele- en bewindregister.

Uitkomst: De grondslag van het bewind is gewijzigd naar lichamelijke of geestelijke toestand en het bewind wordt voortgezet tot 1 december 2027.

Uitspraak

RECHTBANK LIMBURG
Zittingsplaats Roermond
zaaknummer
:
NL:TZ:0000256897:B001
dossiernummer
:
BM399163
datum
:
14 maart 2025
beschikking op een verzoek tot wijziging van de grondslag van de onderbewindstelling
op verzoek van:

[verzoeker] ,

handelend onder de naam [handelsnaam] ,
[adres 2] , [vestigingsplaats] ,
Kamer van Koophandel-nummer [KvK nummer] ,
hierna te noemen: verzoeker,
met betrekking tot:

[betrokkene] ,geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1983,wonende te [adres 1] , [woonplaats] ,hierna te noemen: betrokkene.

procedure

De kantonrechter heeft kennisgenomen van:
- het verzoek (met bijlagen), ontvangen op 6 januari 2025.
Het verzoek is mondeling behandeld op 26 februari 2025.

beoordeling

Bij beschikking van de kantonrechter d.d. 22 november 2022 zijn de goederen die (zullen) toebehoren aan de betrokkene onder bewind gesteld als gevolg van verkwisting of het hebben van problematische schulden. Verzoeker stelt dat daarvan geen sprake meer is, maar dat bewind nog wel nodig is. Verzoeker vraagt de grond van het bewind te wijzigen in ‘lichamelijke of geestelijke toestand’.
Aan het verzoek wordt, samengevat, het volgende ten grondslag gelegd. Betrokkene heeft bij vonnis van 10 december 2024 de “schone lei” verkregen. De WSNP van de partner (eveneens onder bewind gesteld) van betrokkene is omgezet in een faillissement welk is beëindigd. Voor de partner is daarom een nieuw schuldentraject opgestart om schuldenvrij te worden. Ook is de arbeidsovereenkomst van betrokkene niet verlengd. Zowel betrokkene als haar partner hebben moeite met het voeren van een financiële administratie en er is sprake van een beperkte beheersing van de Nederlandse taal. Gelet op vorenstaande is in goed overleg besloten om te verzoeken tot wijziging van de grondslag van het bewind.
De kantonrechter is van oordeel dat uit de stukken en het ter mondelinge behandeling verklaarde voldoende aannemelijk is geworden dat betrokkene als gevolg van haar lichamelijke of geestelijke toestand tijdelijk of duurzaam niet in staat is ten volle haar vermogensrechtelijke belangen zelf behoorlijk waar te nemen. Daartoe overweegt de kantonrechter dat de wetgever bewind niet slechts toelaat in gevallen waarin een betrokkene ‘objectief’, voor een ieder duidelijk, tot beheer ongeschikt is, maar ook de mogelijkheid wil openlaten dat betrokkene zelf een bewind ambieert omdat hij/zij zich van beheerslasten wil bevrijden. Indien betrokkene zelf om onderbewindstelling vraagt, ofwel wijziging van de grondslag van het bewind, en vaststaat dat dit geheel uit vrije wil en goed geïnformeerd geschiedt, mag worden aangenomen dat aan de geldende wettelijke grond wordt voldaan (zie Kamerstukken II 1979/80, 15 350, nr. 5, p. 10 en Kamerstukken II 2011/12, 33 054, nr. 3, p. 12 en 30). Gelet hierop zal de kantonrechter het verzoek toewijzen met behoud van de bij de instelling van het bewind vastgestelde einddatum, zijnde 1 december 2027.
Het bewind staat ingeschreven in het Centraal curatele- en bewindregister, zoals bedoeld in artikel 1:391 van Pro het Burgerlijk Wetboek. Deze inschrijving zal worden doorgehaald.

beslissing

De kantonrechter:
- wijzigt de grondslag van het bij beschikking van 22 november 2022 ingestelde bewind op grond van verkwisting of het hebben van problematische schulden in een bewind op grond van de lichamelijke of geestelijke toestand van betrokkene,
- bepaalt dat het bewind wordt voortgezet voor bepaalde tijd, eindigend op
1 december 2027,
- deelt mee dat het bewind wordt uitgeschreven uit het Centraal curatele- en bewind-register, zoals bedoeld in artikel 1:391 van Pro het Burgerlijk Wetboek.
Tegen deze beschikking kan - uitsluitend door tussenkomst van een advocaat - hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof te 's-Hertogenbosch:
door de verzoeker en degenen aan wie een afschrift van deze beschikking (digitaal) is verstrekt of verzonden binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;
door andere belanghebbenden binnen drie maanden na betekening daarvan of nadat deze beschikking hun op andere wijze bekend is geworden.